Van alle volwassen Nederlanders heeft bijna 1% ooit in het leven een obsessief-compulsieve stoornis gehad. Jaarlijks krijgt 0,5% voor het eerst een obsessief-compulsieve stoornis.[4;5]
De obsessief-compulsieve stoornis met dwanggedachten komt het meeste voor.[10] Van de obsessies (dwanggedachten) is smetvrees de meest voorkomende.[11]
Het controleren is de meest voorkomende compulsie (dwanghandeling).[11]