STAD-pilot: Samen Tegen Alcohol- en Drugsproblemen

In het uitgaansleven wordt meer alcohol en drugs gebruikt dan in de rest van de samenleving. Dit gebruik brengt risico’s met zich mee, voor uitgaanders en hun omgeving. Risico’s variëren van acute gezondheidsincidenten en uitgaansagressie, tot (seksueel) grensoverschrijdend gedrag, vernieling en vandalisme en aantasting van de openbare orde.

Wat is STAD?

STAD (STockholm prevents Alcohol and Drug problems) is een (kosten) effectief programma uit Zweden gericht op preventie van binge drinken en drugsgebruik in het uitgaansleven. Het doel van STAD is het verminderen van alcohol- en drugs gerelateerde problemen in het uitgaansleven. Daarbij kan je denken aan grensoverschrijdend gedrag, geweld en agressie of vandalisme.

Kosteneffectiviteit

In Stockholm heeft de aanpak gezorgd voor 29% minder geweldsincidenten. Daarnaast blijkt dat voor elke euro die in de aanpak geïnvesteerd werd, €39 werd bespaard. Deze besparing zit o.a. in:  

  • Minder vernielingen
  • Minder verloop personeel
  • Minder inzet zorg/politie

STAD-pilot in Nederland: Samen Tegen Alcohol- en Drugsproblemen 

Eerdere ervaringen met STAD in Nederland

Nederland heeft al eerder STAD geïmplementeerd via het STAD in Europe project. Vanwege succes is de aanpak toen doorontwikkeld in de aanpak ‘dronkenschap en doorschenken’. Door de coronapandemie is verdere implementatie en onderzoek stil komen te liggen.  

Met de huidige pilot geven we deze eerdere behaalde successen een nieuwe impuls. Tegelijkertijd wordt de pilot iets anders ingestoken. Waar de eerdere ervaringen gefocust waren op de preventie van overmatig alcoholgebruik, richt de nieuwe pilot zich daarnaast ook op het thema drugs. Hierbij richten we ons enkel op de reguliere uitgaansomgeving, en niet op de festivalsetting.

Inhoud van de huidige pilot

De STAD-pilot loopt van 2024-2028. In deze periode ontwikkelen en implementeren we de STAD aanpak in Nederland en onderzoeken we de effectiviteit. De pilot bestaat uit de volgende onderdelen:

  1. Identificeren van de werkzame elementen van STAD, met behulp van een Logic Model of Behaviour Change.
  2. Doorontwikkelen van de STAD-aanpak voor de Nederlandse situatie. De bestaande werkzame onderdelen worden uitgebreid om aan te sluiten bij de Nederlandse situatie, het thema drugs wordt daarin ook meegenomen.
  3. Implementatie: in Nijmegen en Tilburg wordt STAD uitgerold, in samenwerking met lokale partijen.
  4. Effectevaluatie: door middel van onderzoek ter plaatse (observaties, interviews en vragenlijsten) worden de effecten van STAD in de twee uitgaansgebieden onderzocht.

Wat heeft de horeca aan STAD?

Onderzoek naar de originele STAD-aanpak laat zien dat de aanpak zorgt voor:

  • Een veiligere omgeving voor zowel bezoekers als het eigen personeel
  • Goede relatie en samenwerking met politie en gemeente
  • Sociale betrokkenheid
  • Steun en begrip vanuit bezoekers
  • Getraind personeel (zelfverzekerder personeel)
  • Minder personeelsverloop
  • Goed in beeld brengen (positieve PR) van de zaak
  • Meer winst

Activiteiten tot nog toe

De pilot is in oktober 2024 gestart. Vanaf die periode hebben we al veel stappen gezet. Zo is er een literatuuronderzoek uitgevoerd naar de effectieve elementen van STAD en het aanvullende project Clubs against Drugs. Aan de hand van een Acyclic Behaviour Change Diagram (ABCD-model) is het doelgedrag, de subgedragingen en de subdeterminanten van deze gedragingen in kaart gebracht. Vervolgens is gekeken welke gedragsveranderingsprincipes geschikt zijn om invloed uit te oefenen op deze determinanten. Op basis van dit ABCD-model is vervolgens een Logic Model ontwikkeld waarin de thema’s alcohol en drugs geïntegreerd zijn.

In dit Logic Model staan de verschillende elementen van de aanpak weergegeven. Hier zijn vervolgens activiteiten aan gekoppeld. Dat gaat over lokale werkgroepbijeenkomsten, maar ook het doorontwikkelen van een training en het design van een logo en huisstijl.

Gedurende de pilot wordt onderzoek uitgevoerd. Dit gebeurt aan de hand van vragenlijsten, observatieonderzoek met mysteryguests, interviews en analyse van lokale registraties.

Werkzame elementen van STAD

De STAD-aanpak is een integrale aanpak, gericht op 5 hoofdelementen:

  1. Community mobilisatie
    Voor een succesvolle implementatie is het noodzakelijk dat alle partijen binnen de gemeente achter de aanpak en activiteiten staan. Hiervoor wordt regelmatig met elkaar afgestemd en uiteindelijk een samenwerkingsovereenkomst ondertekend.
  2. Verbeterde handhaving
    Vanuit STAD wordt er ingezet op coachend handhaven. Dat betekent: niet direct bestraffen maar gezamenlijk kijken naar hoe de naleving van de alcoholwet verbeterd kan worden. Dit betekent niet dat er geen consequenties aan het niet naleven kunnen zitten.
  3. Training
    Het personeel in de uitgaanssetting krijgt een training in het herkennen van en handelen bij personen onder invloed. Deze training is gebaseerd op de bestaande barcode training.
  4. Fysieke omgeving
    De inrichting van de fysieke omgeving kan invloed hebben op het alcohol- of drugsgebruik. Dit geldt zowel voor een horecazaak, of breder in de uitgaansomgeving. Denk aan kleinere glazen, zichtbare handhaving of politie op straat, geen donkere hoekjes of steegjes etc. Hoe de fysieke omgeving invloed kan hebben staat beschreven in de factsheet omgevingspreventie in de uitgaansomgeving.
  5. Publieke informatie uitingen
    Bezoekers moeten op de hoogte zijn van de sociale norm binnen de uitgaansomgeving, evenals de huisregels binnen de horecazaak. Via publieke informatie uitingen, zoals een campagne of duidelijk zichtbare huisregels, worden ze hierop geattendeerd. Ook kunnen publieke informatie uitingen ingezet worden om de bekendheid van en draagvlak voor de STAD-aanpak te vergroten.

Een integrale aanpak implementeren lukt niet zomaar

Ter voorbereiding op de STAD-pilot is in 2024 een kleinschalig implementatieonderzoek uitgevoerd. Hieruit komen een aantal kansen en barrières naar voren.

Inzet BOA

Een belangrijk onderdeel van STAD is coachend handhaven. BOA’s controleren of de alcoholwet wordt nageleefd. Uit de verkenning kwam naar voren dat incidenten in het uitgaansleven vaak later op de avond voorkomen. Echter werken BOA’s vaak tot 22:00, vóórdat de incidenten zich voordoen. Per gemeente kunnen hier aparte afspraken over gemaakt worden.

Verschillende belangen

Sommige horecaondernemers zijn terughoudend in het werken aan middelenpreventie. Ook omdat de verkoop van alcohol hun verdienmodel is. Echter laat onderzoek naar STAD in Stockholm geen daling in de verkoopcijfers zien. Daar bleek dat door de aanpak uitgaanders langer bleven en regelmatiger terugkeerden.

Consequenties drugs

Horecaondernemers kunnen ook terughoudend zijn met aangeven dat er drugsproblematiek speelt in hun zaak. Bijvoorbeeld omdat ze bang zijn dat er zo een vergrootglas op hun zaak wordt gelegd door de politie, waardoor ze sneller in de problemen komen. Gesproken politieagenten geven aan dat ze niet op die manier werken. Sommige horecaondernemers hebben een drugskluis, waarin ingenomen drugs in afgestort worden. De politie geeft aan de inzet van de drugskluis aan te moedigen en niet te acteren op de hoeveelheid drugs in de kluis.

Personeelsverloop

Onderdeel van de STAD-pilot is het trainen van personeel. In de training leren ze over de wetgeving en het belang van naleving daarvan, hoe ze drugs- en overmatig alcoholgebruik kunnen herkennen en hoe ze vervolgens moeten handelen. Echter kent de horeca een groot personeelsverloop. Het is daarom belangrijk dat de training regelmatig herhaald wordt.

Capaciteitsproblemen

Wanneer het druk wordt in een horecazaak is er niet altijd de capaciteit om ogen in de zaak te houden en beginnende problematiek tijdig te herkennen en op te handelen. Duidelijke rolbeschrijvingen kunnen hierbij helpen.

Niet alleen de horeca, ook de BOA’s en politie kampen met capaciteitsproblematiek. Hierdoor wordt er soms alleen bij acute incidenten hulp ingeschakeld, waardoor het ‘coachend’ aspect ondergesneeuwd wordt.

Samenwerking

De pilot wordt uitgevoerd door Bureau Objectief, TNO en het Trimbos-instituut. Op lokaal niveau wordt de pilot begeleid door Bureau Objectief en uitgevoerd door de gemeente (beleidsmedewerkers en T&H), horecaondernemers, KHN en politie.