Cijfers roken

Eén op de vijf Nederlanders van 18 jaar en ouder rookte in 2020. Ongeveer driekwart van deze rokers rookt dagelijks (14,9% van de algemene bevolking).

Het aantal rokers in Nederland neemt af

  • In 2020 rookte 20,2% van de bevolking van 18 jaar en ouder. In 2014 rookte nog 25,7% van de  volwassen bevolking.

  • Hoogopgeleiden roken minder vaak dan middelbaar en lager opgeleiden.

  • 3,2% van de bevolking is een zware roker: zij roken 20 of meer sigaretten of shagjes per dag.

Stoppen met roken

In 2020 heeft ruim een derde van de rokers in de 12 maanden daarvoor een serieuze poging om te stoppen ondernomen.

Gebruik e-sigaretten

1,1% van de volwassenen rookte in 2020 regelmatig een elektronische sigaret.

Op deze pagina staan waar mogelijk de meest recente cijfers uit 2020, maar een deel van de cijfers komt nog uit 2019. In het statistiekjaar 2020 werd de waarneming voor de Gezondheidsenquête verstoord door de coronacrisis. Lees wat dit betekent voor deze cijfers.

Wie roken er?

Rokers: geslacht

Mannen roken meer dan vrouwen.

Opleidingsniveau rokers

Hogeropgeleiden roken minder dan middelbaar- en lageropgeleiden.

Leeftijd van rokers

Jongeren tussen 18 en 29 jaar roken relatief het vaakst (dagelijks en niet-dagelijks). In de leeftijd van 30 tot 49 jaar bevinden zich de meeste dagelijkse rokers.

Stoppen en meeroken

Stoppen met roken

In 2019 heeft 35,6% van de rokers een serieuze stoppoging ondernomen (stopte langer dan 24 uur). De meeste rokers hebben meerdere pogingen nodig om definitief te stoppen. Dat komt omdat roken zeer verslavend is. 

Meeroken

Iets minder dan 11% van de niet-rokende Nederlanders werd in 2020 nog regelmatig blootgesteld aan sigarettenrook. Bijna 5% werd elke dag blootgesteld. Meeroken is slecht voor de gezondheid. Mensen die meeroken kunnen dezelfde ziektes als mensen die zelf roken. De kans daarop is uiteraard wel veel kleiner. Vooral voor kleine kinderen is meeroken ongezond. Zij krijgen sneller longproblemen of oorontstekingen.

Weinig volwassen Nederlanders gebruiken regelmatig een e-sigaret

  • 1,1% van de volwassenen van 18 jaar en ouder rookte in 2020 regelmatig een elektronische sigaret.
  • Met name 'reguliere' rokers gebruiken (wel eens) een e-sigaret.

Ziekte en sterfte

Ziekte door roken

Roken is nog steeds de belangrijkste oorzaak van ziekte en sterfte in Nederland. Van de totale ziektelast komt 9,4% door roken, volgens de Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) 2018.

Roken vergroot de kans op in ieder geval:

  • Kanker in allerlei verschillende delen van het lichaam, met name in de longen, mondholte, keel, strottenhoofd, en slokdarm. Jaarlijks krijgen 19.000 Nederlanders kanker als gevolg van roken, roken is daarmee de belangrijkste risicofactor voor het ontwikkelen van kanker.
  • Hart- en vaatziekten: onder meer beroerte, hartfalen, aneurysma en coronaire hartziekten;
  • Longziekten en -klachten, zoals benauwdheid, hoesten, pneumonie, astma en COPD;
  • Complicaties bij een operatie, als gevolg van een verminderde wondgenezing;
  • Ontstekingen in de mond, gewrichten en longen;
  • Ernstige risico’s bij zwangerschap voor zowel kind als moeder (met uitzondering van pre-eclampsie);
  • Verslechtering van het immuunsysteem;
  • Verminderde vruchtbaarheid voor zowel mannen als vrouwen;
  • Diabetes.

Sterfte door roken

Ruim de helft van de mensen die blijft roken, sterft aan de gevolgen hiervan. In Nederland zijn dit jaarlijks ruim 19.000 mensen. Zij overlijden aan een ziekte die door roken is veroorzaakt.

Dit cijfer is afkomstig van het RIVM. Het is gebaseerd op een vergelijking van de ziekte- en sterftecijfers tussen twee groepen: rokers en niet-rokers, die verder overeenkomen op persoonlijke kenmerken (zoals leeftijd, geslacht en opleidingsniveau). Uit deze vergelijking blijkt dat rokers bepaalde ernstige ziekten vaker krijgen dan niet-rokers, zoals (long)kanker, hart- en vaataandoeningen en longziekten.

Het volgende percentage van de sterfte kan worden toegeschreven aan roken:

  • 83% van de sterfte aan longkanker;
  • 84% van de sterfte aan strottenhoofdkanker;
  • 77% van de sterfte aan COPD;
  • 56% van de sterfte aan mondholtekanker;
  • 50% van de sterfte aan slokdarmkanker;
  • 27% van de sterfte aan blaaskanker;
  • 17% van de sterfte aan nierkanker;
  • 15% van de sterfte aan alvleesklierkanker;
  • 14% van de sterfte aan coronaire hartziekten, waaronder hartinfarct;
  • 9% van de sterfte aan hartfalen;
  • 6% van de sterfte aan beroerte (CVA);
  • 6% van de sterfte aan diabetes. 

Gemiddeld sterven rokers tien jaar eerder dan niet-rokers.

Roken en zwangerschap

Uit de Monitor Middelengebruik en Zwangerschap 2018 blijkt dat ruim 15% van de zwangeren voor de zwangerschap rookte. Tijdens de zwangerschap daalde het percentage: 7 procent van de moeders heeft op enig moment tijdens de zwangerschap gerookt. 4 procent rookte gedurende de hele zwangerschap. Na de zwangerschap stijgt het aantal moeders dat rookt weer: 11 procent van de moeders rookt dan weer.

 

Rookvrije Start
Werkt u met (aanstaande) ouders? Bijvoorbeeld als verloskundige of kraamhulp? Vergroot dan de kans op een rookvrije start met de online cursus 'Rookvrije Start'.

Meer weten?

Kerncijfers roken 2020

Deze publicatie van het Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging (van mei 2021) bevat het meest uitgebreide overzicht van cijfers over rookgedrag in Nederland. 

Download de factsheet

Nationaal Expertisecentrum Tabaksontmoediging (NET)

Het Nationaal expertisecentrum tabaksontmoediging concentreert kennis op het gebied van tabak. 

De publicaties van het NET ondersteunen professionals met inzichten in en aanpak van tabaksgebruik. 

Bekijk de publicaties

Mist u iets?

Kunt u niet vinden wat u zoekt? We helpen u graag aan de juiste cijfers en feiten. 

Meer informatie

Stuur een bericht aan contactpersoon Jeroen Bommelé of bel +31 (0)30 - 2959(283)