Header Image

Invloed alcoholgebruik op hartziekten en herseninfarct

Wat zijn ischemische hartziekten en wat is een herseninfarct? En wat is de invloed van verschillende drinkpatronen op het ontstaan van deze ziekten? Er is vaak gesuggereerd dat licht tot matig alcoholgebruik een gunstig effect heeft op het ontstaan van ischemische hartziekten, maar de invloed van alcohol is ingewikkeld en resultaten van onderzoek spreken elkaar soms tegen. We gaan hier dieper op in aan de hand van de wetenschappelijke kennis.

Deze informatie is opgesteld door het
Expertisecentrum Alcohol

Heb je vragen?
Neem dan contact met ons op.

Blijf op de hoogte

Met de nieuwsbrief van het Expertisecentrum Alcohol:

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
E-mailadres(Vereist)

Ischemische hartziekten en herseninfarct

Ischemisch is de medische term voor ‘onvoldoende doorbloed’. Zowel bij ischemische hartziekten als bij een herseninfarct is er sprake van onvoldoende doorbloeding door vernauwing van de bloedvaten. Daarom worden deze aandoeningen gezamenlijk besproken.

Bij ischemische hartziekten krijgt het hart onvoldoende zuurstof, meestal door vernauwingen van de kransslagaderen. Ze worden ook wel coronaire hartziekten genoemd. Mogelijke gevolgen zijn pijn of een drukkend gevoel op de borst, kortademigheid of een hartaanval (ook wel: hartinfarct). Het is de meest voorkomende vorm van hart- en vaatziekten in Nederland [1].

Een herseninfarct, soms ook wel ischemische beroerte genoemd, ontstaat door een vernauwd of afgesloten bloedvat in de hersenen en valt daarmee onder de vaatziekten. Door deze afsluiting ontstaat er een zuurstoftekort en werkt een deel van de hersencellen niet meer. Dit kan uitvalsverschijnselen veroorzaken zoals een scheve mond, verwarde spraak en een verlamde arm [2,3].

Invloed van alcohol op ontstaan van ischemische hartziekten

Het risico op ischemische hartziekten wordt op verschillende manieren beïnvloed door alcoholgebruik, afhankelijk van het drinkpatroon.

  • Op de korte termijn (binnen 24 uur na het drinken) is elke hoeveelheid alcohol geassocieerd met een hoger risico op een hartaanval [4]. Op iets langere termijn (vanaf 24 uur erna) is vooral binge drinken geassocieerd met een hoger risico op een hartaanval [4-6].
  • Mensen met een stoornis in het gebruik van alcohol (alcoholverslaving) lopen 1,5 tot 2 keer zoveel risico om te overlijden aan ischemische hartziekten als de algemene populatie [7].
  • Licht of matig alcoholgebruik lijkt een gunstig effect te hebben op het ontstaan van ischemische hartziekten [4, 7, 8].
  • Binge drinken verhoogt het risico op ischemische hartziekten [4-7, 9]. Wanneer mensen binge drinken verdwijnt ook het mogelijk gunstige effect van licht of matig alcoholgebruik op ischemische hartziekten [7, 9].
  • Het aantal glazen alcohol dat gedronken wordt lijkt invloed te hebben, maar het is onbekend waar precies het omslagpunt ligt van gunstig naar ongunstig [7, 8]. In het algemeen wordt aangenomen dat de effecten bij mensen die 1 tot 2 standaardglazen per dag drinken én niet binge drinken gunstiger zijn dan bij mensen die niet drinken (geheelonthouders) [8]. Waarschijnlijk spelen verschillen tussen mensen, bijvoorbeeld in leeftijd, geslacht en leefstijl, hierbij een grote rol.

Invloed van alcohol op het ontstaan van een herseninfarct

Ook de relatie tussen alcoholgebruik en het ontstaan van een herseninfarct hangt af van het drinkpatroon.

  • Op korte termijn (binnen 24 uur) verhoogt elke hoeveelheid alcohol het risico op een herseninfarct [4].
  • Alcoholgebruik vanaf 2 standaardglazen per dag lijkt een verhoogd risico op een herseninfarct te geven [10,11].
  • Lichte en matige alcoholconsumptie (tot 2 glazen per dag) is geassocieerd met een lager risico op een herseninfarct [10].
  • Binge drinken is geassocieerd met een verhoogd risico op een herseninfarct [4,11]. Ook matige drinkers die wél binge drinken hebben een verhoogd risico op een herseninfarct [5].

Beschermend effect van licht en matig alcoholgebruik controversieel

Zoals hierboven beschreven, zijn er aanwijzingen dat licht en matig alcoholgebruik een lager risico op ischemische hartziekten en herseninfarct hebben dan abstinentie. Bij grotere hoeveelheden alcohol, zoals bij overmatig alcoholgebruik, neemt het risico op deze aandoeningen juist weer toe. Ook binge drinken zorgt voor een verhoogd risico en zorgt ervoor dat de eventuele beschermende effecten van licht of matig drinken verdwijnen.

Als we dit in een grafiek uitzetten, zien we een zogenoemde ‘J-curve’, zoals in figuur 1 [12]. Deze curve heeft de vorm van een letter J: hij daalt eerst, om daarna weer te stijgen. De J-curve is een bekend fenomeen en wordt gezien bij de relatie tussen alcohol en ischemische hart- en vaatziekten, maar bijvoorbeeld ook bij de relatie tussen alcohol en dementie.

Mensen die niet drinken (de geheelonthouders, het begin van de lijn in figuur 1) hebben volgens onderzoek een hoger risico op het krijgen van ischemische hart- en vaatziekten dan mensen die licht tot matig drinken. Dit lijkt erop te wijzen dat een licht tot matig alcoholgebruik beschermt tegen deze ziekten. Maar hier is nog veel onduidelijkheid en discussie over en we moeten dan ook voorzichtig zijn met het trekken van stevige conclusies.

Figuur 1 de J-curve. Licht en matig alcoholgebruik laat een gunstiger effect op het risico op hart- en vaatziekten zien dan abstinentie (niet drinken). Vanaf overmatig gebruik wordt de relatie lineair: hoe hoger het alcoholgebruik, hoe hoger het risico op ischemische hart- en vaatziekten.

J-curve

Vooral uit onderzoeken waarin verschillende studies bij elkaar bekeken worden (systematische reviews en meta-analyses) blijkt dat licht tot matig alcoholgebruik een lager risico geeft dan helemaal niet drinken [4, 6, 8, 10]. Deze studies zijn vaak observationeel, wat betekent dat er alleen wordt gekeken hoe alcoholgebruik en hart- en vaatziekten met elkaar samenhangen. Hierdoor kun je niet controleren of alcoholgebruik echt de oorzaak is van een lager of hoger risico op hart- en vaatziekten. Matig alcoholgebruik hangt namelijk vaak samen met andere factoren die de gunstige effecten op ischemische hart- en vaatziekten zouden kunnen verklaren: een hoger inkomen of hogere sociaal-economische status (SES) bijvoorbeeld [13]. Ook roken, gewicht, bewegen en leeftijd kunnen het beeld van de relatie tussen alcoholgebruik en hart- en vaatziekten verstoren [13, 14].

In een aantal onderzoeken wordt gecorrigeerd voor bovengenoemde verstorende factoren. Na deze correctie worden geen of minder sterke gunstige effecten van alcohol op ischemische hart- en vaatziekten gezien [13, 15, 16]. Het maakt dus uit wie er meedoet aan het onderzoek en of er gecorrigeerd wordt voor verstorende factoren.

Naast het al dan niet corrigeren voor de verstorende factoren maakt het ook uit wie er worden meegerekend in de groep geheelonthouders. Vaak zitten er in deze groep ook mensen die om gezondheidsredenen zijn gestopt met alcohol drinken. Zij worden ook wel de sick quitters genoemd en hebben dus al een slechtere gezondheid. Als licht en matig alcoholgebruik met deze groep vergeleken wordt, lijkt het gunstige effect dus groter. In studies die licht en matig alcoholgebruik vergelijken met mensen die nooit hebben gedronken zijn de resultaten minder duidelijk [15, 18].

Er komen ook steeds meer onderzoeken die gebruik maken van Mendelian Randomization. Hierbij worden groepen ingedeeld op basis van erfelijke eigenschappen [19]. Sommige mensen hebben bijvoorbeeld een gen waardoor ze alcohol slecht afbreken en daarom niet of weinig kunnen drinken. Deze mensen kunnen worden vergeleken met mensen zonder dit gen, die gemiddeld meer drinken. Omdat de genetische verschillen al bij de geboorte vaststaan en niet samenhangen met gedrag of leefstijl, is de kans klein dat verstorende factoren zoals roken, voeding of sociaal-economische status het resultaat beïnvloeden. Onderzoeken die gebruik maken van deze methode, laten voor ischemische hartziekten geen beschermende effecten van (genetisch voorspeld) alcoholgebruik zien [20, 21] en stellen zelfs dat elk alcoholgebruik geassocieerd is met een groter risico hierop [21].

Conclusie

Al met al is het onderzoek naar de rol van alcoholgebruik bij het ontstaan van ischemische hart- en vaatziekten dus niet zo eenduidig als voorheen gedacht werd. Er is ook kritiek op de manier waarop in deze studies conclusies getrokken worden. Als er gesproken wordt over ‘gunstige’ effecten, zouden mensen kunnen concluderen dat het verstandig is om alcohol te gaan drinken. Alcoholgebruik om gunstige effecten te behalen wordt altijd afgeraden. De mogelijke positieve effecten wegen namelijk niet op tegen alle negatieve effecten van alcoholgebruik, zoals een verhoogd risico op leveraandoeningen, kanker en andere hart- en vaatziekten.