Alcoholgebruik door sporters

Sporters drinken meer dan niet-sporters in Nederland. Hier gaan we in op de verschillen in het alcoholgebruik tussen sporters en niet-sporters.

Expertisecentrum Alcohol

Deze pagina is gemaakt door het Expertisecentrum Alcohol. Met wetenschappelijke kennis helpt het expertisecentrum professionals gezondheidsschade door alcohol terug te dringen.

Blijf op de hoogte

Met de nieuwsbrief van het Expertisecentrum Alcohol:

E-mailadres(Vereist)
Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Heeft u een vraag?

Stuur ons een mail

Alcoholgebruik door wekelijkse sporters

De cijfers over alcoholgebruik onder sporters zijn afkomstig uit de Leefstijlmonitor 2018 (1). Voor meer informatie over de Leefstijlmonitor 2018, zie het item ‘Achtergrondinformatie bij kerncijfers over alcoholgebruik’.

In 2021 sportte ruim de helft (52,9%) van de Nederlandse volwassenen (18-79 jaar) wekelijks. Vergeleken met Nederlandse volwassenen die niet wekelijks sporten, drinken sporters gemiddeld meer glazen alcohol per week (6,5 versus 5,8 glazen per week). Ruim een derde van de sporters voldoet aan de richtlijn van de Gezondheidsraad voor alcoholgebruik (‘Drink geen alcohol, of in ieder geval niet meer dan één glas per dag’ (2)), terwijl dit onder de niet-sporters de helft is (zie fig. 1). Daarnaast zijn sporters vaker zware drinkers dan niet-sporters. Niet-wekelijkse sporters drinken iets vaker overmatig dan sporters.

Alcoholgebruik onder verschillende typen sporters

Van alle type sporters, drinken veldsporters (zoals tennis en voetbal) het vaakst zwaar of overmatig en nog geen kwart van hen voldoet aan de richtlijn van de Gezondheidsraad. Personen vallen onder een bepaald type sport, wanneer ze minstens één keer per week dit type sport beoefenen. Als iemand meerdere typen sport beoefend, kan deze persoon in meerdere categorieën vallen. Figuur 2 gaat verder in op het alcoholgebruik naar type sporter. Zwemmers voldoen van alle sporters het vaakst aan de richtlijn van de Gezondheidsraad.

Alcoholgebruik naar geslacht en leeftijd

Verschillen in alcoholgebruik tussen sporters en niet-sporters zijn ook bekeken naar geslacht en leeftijd. Voor zowel mannen als vrouwen geldt dat niet-sporters vaker voldoen aan de richtlijn van de Gezondheidsraad dan sporters (zie fig. 3). Sportende mannen lijken minder vaak overmatige drinkers, maar vaker zware drinkers dan niet-sportende mannen. Ook sportende vrouwen drinken vaker zwaar dan niet-sportende vrouwen.

Voor alle leeftijdsgroepen geldt dat niet-sporters vaker voldoen aan de richtlijn van de Gezondheidsraad dan sporters. Van de groep 18- tot 34-jarigen zijn de sporters ook vaker zware drinkers dan niet-sporters. Met het oplopen van de leeftijd verandert dit patroon: bij de 65-plussers zijn wekelijkse sporters minder vaak zware drinkers dan niet-sporters. Nader onderzoek naar deze verschillen in de relatie tussen alcohol en sport naar leeftijd is wenselijk. Mogelijk spelen de gezelligheid en het samen drinken met medesporters een grotere rol bij 18- tot 34-jarigen, terwijl oudere leeftijdsgroepen met name willen werken aan fitheid en gezondheid.

Gezonde leefstijl onder sporters

Uit bovenstaande cijfers blijkt dat alcoholgebruik hoger is onder sporters dan onder niet-sporters, met name onder jongere sporters, onder mannelijke sporters en onder veldsporters. Voor andere leefstijlgedragingen geldt juist dat sporters vaak gezonder zijn dan niet-sporters (3). Zo hebben sporters vaker een goed gewicht, eten ze vaker groente en fruit, roken ze minder vaak en voldoen ze vaker aan de beweegnorm dan niet-sporters (3). Mogelijke verklaringen voor het hogere alcoholgebruik onder sporters worden beschreven in het item ‘De relatie tussen alcohol en sport’.

Alcoholgebruik door toeschouwers

Onder toeschouwers verstaan we personen die kijken naar sport, via televisie of online of door het bijwonen van een wedstrijd als toeschouwer. In Nederland zijn er geen cijfers bekend over alcoholgebruik door toeschouwers.

Een Amerikaanse studie onderzocht alcoholgebruik onder mensen die regelmatig sportwedstrijden bezoeken, namelijk mensen met een seizoenkaart (4). De deelnemers van de studie gaven aan dat ze meer alcohol drinken op een wedstrijddag dan normaal gesproken tijdens een feestje of een ander sociaal evenement (4). Een andere Amerikaanse studie onderzocht het alcoholgebruik onder studenten die sportfan zijn (5). Hieruit blijkt dat ongeveer de helft van deze studenten drinkt op een wedstrijddag. De studenten die alcohol drinken, drinken gemiddeld 7,2 glazen alcohol op een wedstrijddag. Van de ondervraagden drinkt 15,7% grote hoeveelheden alcohol (> 8/10 glazen alcohol voor vrouwen/mannen) op een wedstrijddag (5). Een Zweedse studie onderzocht de mate van alcoholintoxicatie onder bezoekers van voetbalwedstrijden (≥16 jaar) middels een blaastest, waarmee het bloedalcoholgehalte werd bepaald. Hieruit blijkt dat 47% van de bezoekers alcohol had gedronken. Van de bezoekers had 8,9% een bloedalcoholgehalte van meer dan 1,0 promille, wat wijst op een hoge mate van alcoholintoxicatie. Een hoog bloedalcoholgehalte kwam vaker voor onder mannen, onder jongeren, als al voor de wedstrijd begonnen werd met alcohol drinken (vergeleken met pas tijdens of na de wedstrijd begonnen met drinken), bij het bezoeken van een wedstrijd in het weekend en onder bezoekers in de supporterssectie van het stadion (6).

Bovengenoemde buitenlandse studies wijzen erop dat ook toeschouwer zijn van sport samenhangt met (veel) alcoholgebruik. Het is aannemelijk dat in Nederland eenzelfde positieve relatie bestaat tussen sport kijken en alcoholgebruik. Zeker gezien de hoeveelheid marketing rond sportwedstrijden die zich richt op alcoholmerken en de hoeveelheid alcohol die wordt verkocht in stadions (zie item ‘Blootstelling aan alcoholreclame via sportsponsoring’).

Gerelateerde pagina's

Referenties

  1. Gezondheidsenquête/Leefstijlmonitor, CBS i.s.m. RIVM en Trimbos-instituut (2018), bewerking door het Mulier Instituut.
  2. Gezondheidsraad (2015). Richtlijnen goede voeding 2015. Den Haag: Gezondheidsraad.
  3. Dool, R. van den & Breul, W. van den (2018). Sportdeelname & Leefstijl: Factsheet 2018/7. Utrecht: Mulier Instituut.
  4. Glassman, T., Werch, C. E., Jobli, E., & Bian, H. (2007). Alcohol-related fan behavior on college football game day. Journal of American College Health, 56(3), 255-260.
  5. Glassman, T. J., Dodd, V. J., Sheu, J. J., Rienzo, B. A., & Wagenaar, A. C. (2010). Extreme ritualistic alcohol consumption among college students on game day. Journal of American College Health, 58(5), 413-423.
  6. Durbeej, N., Elgán, T. H., Jalling, C., & Gripenberg, J. (2017). Alcohol intoxication at Swedish football matches: A study using biological sampling to assess blood alcohol concentration levels among spectators. PloS one, 12(11), e0188284.