Van hokjes naar schakels: mentale gezondheid vraagt om verbinding

mentale gezondheid vraagt om verbinding

In Nederland praten we veel over mentale gezondheid. Over lange wachtlijsten, personeelstekorten in de ggz en over het belang van preventie: het voorkomen van mentale problemen voordat ze ontstaan. En terecht!

Maar om mentale gezondheid te verbeteren moeten we breder kijken naar hoe we dit kunnen tackelen, dat concludeert ook de door ons en RIVM recent uitgebrachte Monitor mentale gezondheid; er moet worden ingezet op alle factoren die van invloed zijn op mentale gezondheid. 

Maar wie iets dieper kijkt, ziet dat veel oplossingen nog steeds binnen afzonderlijke domeinen worden gezocht en dat het doorbreken hiervan als lastig wordt ervaren. We horen dit ook veelal uit de praktijk; oplossingen in de zorg, programma’s in het onderwijs, werkgevers met hun eigen vitaliteitsaanpak, gemeenten met losse projecten. Hele waardevolle initiatieven, waarbij meer inzet op kruisbestuivingen echter nog meer winst kan opleveren. We zien en horen vaak dat onderlinge samenwerking tussen domeinen lastig wordt gemaakt door hoe het systeem is ingericht. Dit helpt zeker niet!   

En eerlijk is eerlijk: ook kennisinstituten maken zich daar wel eens schuldig aan. Vanuit bestaande financieringsstromen werken we vaak te projectmatig waarbij projecten niet structureel en soms aan concurrentie onderhevig zijn. Deze projecten leveren kennis en beweging op, maar de vraag is steeds opnieuw: hoe zorgen we dat ze onderdeel worden van een groter geheel, in plaats van dat ze losse puzzelstukjes blijven?  

Nederland heeft hiervoor alles in huis. We hebben sterke kennisinstituten en een traditie van samenwerking tussen rijk, gemeenten en regio’s. En we hebben een groeiend besef dat mentale gezondheid een brede maatschappelijke opdracht is. We zien dit in het IZA, GALA, AZWA*, de Versterkingsagenda mentale gezondheid & ggz en de Landelijke nota gezondheidsbeleid 2025-2028. Hier wordt gezondheid breder aangepakt dan alleen in de zorg.

De vraag is nu: 

Hoe zorgen we dat we afzonderlijke projecten en initiatieven ook daadwerkelijk aan elkaar verbinden? 

1. Een gezamenlijke taal en visie

Een oplossing ligt bij een gezamenlijke taal en visie, zodat onderwijs, zorg, werkgevers en beleid elkaar begrijpen in plaats van langs elkaar heen praten. We hebben een definitie van mentale gezondheid. Deze is tot stand gekomen op basis van ons dagelijks taalgebruik en laat tegelijk zien hoe complex mentale gezondheid eigenlijk is. Het helpt om samen hier expliciet het gesprek over te voeren.

Het gaat er hierbij niet alleen om wélke woorden we kiezen om mentale gezondheid te beschrijven, maar vooral om samen te bepalen wat we willen bereiken. Als we zeggen dat we een mentaal gezondere samenleving willen, hoe ziet die samenleving er dan uit? Daarover moeten we met elkaar in gesprek. Als we een gezamenlijk toekomstbeeld formuleren, dan kunnen we beter bepalen welke stappen nodig zijn om daar te komen met elkaar.

2. Duurzame structuren in plaats van losse projecten

Het liefste zou je weg willen blijven van projecten die verdwijnen zodra het projectgeld op is, en inzetten op duurzame ketenaanpakken en kennisinfrastructuren die blijven. Nederland kent een indrukwekkende hoeveelheid initiatieven, fondsen, projecten en organisaties die zich inzetten voor mentale gezondheid. In onze gezamenlijke factsheet met RIVM en GGD GHOR ‘Kennisinfrastructuur mentale gezondheid en preventie’ zagen we al hoeveel partijen vanuit kennis bijdragen. Dat zie je ook terug in het aantal partners in het landelijk dekkend kennisnetwerk mentale gezondheid. Juist hier liggen mooie kansen om projecten en processen aan elkaar te knopen en op een duurzame manier breder te borgen. 

3. Versterken door verbinden

De toegenomen aandacht voor mentale gezondheid is waardevol. Jarenlang was dit een onderbelicht thema. Inmiddels zijn echter veel professionals, initiatieven en netwerken actief. Juist nu is het belangrijk om te voorkomen dat nieuwe activiteiten leiden tot versnippering of dubbel werk. Daarom is het belangrijk dat nieuwe stappen goed aansluiten bij wat er al gebeurt. Dat vraagt om coördinatie en overzicht: zicht op bestaande initiatieven en netwerken, zicht op de blinde vlekken, inzicht in waar versterking of aanvulling gewenst is, en de ruimte, middelen en doorzettingskracht om structureel te blijven werken aan verbetering op de lange termijn. 

Ketenaanpak mentale gezondheid 

Het mooie is: we staan op het punt daadwerkelijk stappen te zetten! We zijn namelijk gestart met een eerste gezamenlijke verkenning voor een ketenaanpak mentale gezondheid. Hierbij kijken we hoe bestaande initiatieven en netwerken rondom mentale gezondheid elkaar beter kunnen versterken. Samen met partners uit beleid, praktijk en kennis werken we toe naar meer samenhang en overzicht op lokaal en regionaal niveau. Niet door nieuwe hokjes te bouwen, maar door schakels te leggen tussen domeinen. 
Wij kijken er naar uit om hier samen met het veld mee aan de slag te gaan! 

Meer samenhang in het Kennispakket mentale gezondheid 

Voor beleidsmakers die met mentale gezondheid aan de slag willen, ontwikkelden we eind vorig jaar al het Kennispakket Mentale Gezondheid. Een toegankelijk pakket met kennis, tools en voorbeelden die helpen om lokaal of regionaal samenhang te creëren. Van informatie over hoe je mentale gezondheid meet, tot een stappenplan hoe je planmatig werkt aan mentale gezondheid en inspiratie uit de praktijk. Alles gericht op één doel: een stevige basis voor een mentaal gezondere samenleving. Lees meer: Kennispakket – Trimbos-instituut
 

*IZA = Integraal Zorgakkoord; GALA = Gezond en Actief Leven Akkoord; AZWA = Aanvullende Zorg- en Welzijnsakkoord.  

Contact: Laura Shields-Zeeman

Laura Shields - Zeeman
Programmahoofd Mentale Gezondheid en Preventie, Trimbos
Marja van Bon - Martens
Senior onderzoeker Publieke mentale gezondheid Mentale gezondheid & Preventie
Isabel Gosselt