Header Image

Feiten en cijfers

Hoe ervaren mensen met langdurige psychische problematiek hun kwaliteit van leven? Kunnen mensen deelnemen aan de maatschappij op de manier zoals zij willen? Ervaren zij dat ze meedoen en meetellen? Deze vragen staan centraal bij de jaarlijkse uitvraag onder de leden van het panel Psychisch Gezien, een landelijk panel van zo’n 1500 mensen met langdurige psychische problematiek. Hieronder een samenvatting van de belangrijkste bevindingen van de peiling uit 2024.

Kwaliteit van leven  

Mensen met langdurige psychische problematiek zijn minder tevreden over hun kwaliteit van leven dan de algemene bevolking. De panelleden beoordelen hun leven gemiddeld met een 6,3 (op een schaal van 1 tot 10). Vergeleken met andere mensen in Nederland die hun leven gemiddeld het rapportcijfer 7,5 geven is het cijfer van de panelleden relatief laag. In vergelijking tot de algemene bevolking valt vooral op dat het percentage panelleden dat hun leven een onvoldoende geeft vijf keer groter is dan in de algemene bevolking.

Sociaal netwerk en eenzaamheid 

De sociale verbondenheid onder panelleden is wisselend. Ongeveer een derde (34%) geeft aan wekelijks vrienden of goede kennissen te ontmoeten. Daarnaast heeft een ruime meerderheid (78%) iemand in hun netwerk – zoals een vriend, partner of familielid – die een luisterend oor kan bieden. Ook blijkt dat één op de vijf panelleden (20%) op dit moment mantelzorg verleent aan iemand in hun omgeving. Ondanks deze vormen van sociaal contact en betrokkenheid, ervaart een groot deel van de panelleden gevoelens van eenzaamheid. 79% voelt zich in enige mate eenzaam, waarvan 38% zich (heel) erg eenzaam voelt. Dit percentage ligt aanzienlijk hoger dan bij de algemene bevolking. Door de jaren heen is de ervaren eenzaamheid nauwelijks veranderd.

Participatie en inclusie 

De participatie in betaald werk onder panelleden is relatief laag. Slechts 20% heeft een betaalde baan, wat aanzienlijk lager is dan het gemiddelde in de algemene bevolking (73%) en onder mensen met een lichamelijke beperking (43%). Deze lage arbeidsparticipatie is de afgelopen jaren nauwelijks veranderd.

Daarentegen is de inzet voor vrijwilligerswerk groter: 38% van de panelleden doet vrijwilligerswerk, een percentage dat vergelijkbaar is met dat van de algemene bevolking. Ook volgt 18% een opleiding of werkgerelateerde cursus, wat iets hoger ligt dan het landelijke gemiddelde van 13%.

Naast werk en scholing zijn panelleden ook actief op andere vlakken. Meer dan de helft (58%) sport of beweegt minstens één keer per week. Daarnaast neemt 42% wekelijks deel aan activiteiten buitenshuis, zoals een bezoek aan een horecagelegenheid of een cultureel evenement.

Toch blijft de ervaren inclusie laag. Slechts 59% van de panelleden voelt zich (enigszins) onderdeel van de maatschappij. Bovendien ervaart één op de vier panelleden discriminatie vanwege hun psychische problematiek.

Het rapport met resultaten van de voorjaarspeiling 2024 is hier te downloaden. Er is ook een infographic van de belangrijkste resultaten en een factsheet over hoe panelleden hun burgerschap ervaren.