Trimbos ontwikkelt persona’s voor verschillende typen drugsgebruik

17 november 2021

Jongeren hebben allerlei verwachtingen bij het gebruik van alcohol of drugs. Die zijn van invloed op de keuze om wel of geen alcohol of drugs te gebruiken. Om daar meer inzicht in te krijgen, ontwikkelde het Trimbos-instituut negen persona’s: gedetailleerde omschrijvingen van verschillende typen gebruikers van alcohol en drugs.

Op die manier weten beleidsmakers en preventie- en zorgprofessionals beter welke preventieve aanpak aansluit bij de behoeften van een specifieke doelgroep.  

Preventieactiviteiten zoals wij die in Nederland vormgeven, richtten zich tot nu toe grofweg op twee groepen: mensen die drugs (en/of alcohol) gebruiken en mensen die dat niet doen. Dat onderscheid doet geen recht aan de grote onderlinge verschillen tussen mensen. Zo zijn er uiteenlopende verwachtingen en ervaringen en is de sociale omgeving van invloed op het gebruik van alcohol en drugs.

Van twee naar negen groepen 

In de ontwikkelde persona’s is er juist aandacht voor deze factoren. Daardoor komen de interne verschillen binnen de groepen ‘gebruikers’ en ‘niet-gebruikers’ duidelijk naar voren. Door rekening te houden met deze verschillen tussen de persona’s, weten we beter welke aanpak beter aansluit bij de behoeften van verschillende typen jongeren die wel of geen drugs gebruiken.

Bekijk hier de handleiding.

Duizenden jongeren ondervraagd

Het Trimbos-instituut ontwikkelde de persona’s - in opdracht van het ministerie van het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport - op basis van bestaande literatuur en uitgebreid onderzoek onder duizenden jongeren en bijna honderd professionals. Er werd gebruik gemaakt van interviews, online vragenlijsten en de input van honderden studenten aan de Universiteit Utrecht.

In de persona’s is aandacht voor positieve en negatieve verwachtingen die jongeren hebben bij drugs- en alcoholgebruik. Ook is er oog voor hoeveel ze gebruiken, de (sociale) setting van gebruik, intentie om te minderen of stoppen en het risico op problematisch gebruik.

In de video op deze pagina zie je hoe de persona's ontwikkeld zijn.

Van persona naar interventie

Professionals kunnen de persona’s gebruiken als handvatten bij de ontwikkeling van interventies en beleid. Bovendien dienen ze als ondersteuning bij gesprekken met ouders, jongeren zelf of tussen professionals onderling. Onder meer als het gaat over risicoprofielen en het aanbieden van verschillende behandelingen. Daarnaast geven we voor elke ontwikkelde persona suggesties over wat de te verwachten risico’s zijn en welke interventies het beste aansluiten.

Overigens trachten we met de ontwikkeling van de persona’s niet een volledig of sluitend beeld te geven van alle typen alcohol- of drugsgebruikers. Doordat het richtlijnen zijn kan het voorkomen dat een jongere zich in meerdere persona’s herkent. Of zichzelf in de loop van de tijd meer herkent in een andere persona, of zichzelf niet direct - of maar voor een deel - in een van de persona’s herkent.

Bekijk hier het eindrapport.

In het kort: dit zijn de negen persona's

Hieronder staan de negen persona’s kort genoemd. Lees hier de handleiding waarin de persona’s volledig zijn uitgeschreven.

  1. De niet-gebruiker heeft voornamelijk negatieve verwachtingen van het gebruik van alcohol en drugs, heeft zelden of nooit met alcohol of drugs te maken en wil niet drinken of gebruiken.
  2. De beheerste alcoholgebruiker drinkt soms wel alcohol, maar wil niet dronken worden en gebruikt geen drugs. De beheerste alcoholgebruiker behoudt graag controle.
  3. De sociale alcohol gebruiker drinkt om met vrienden dronken te worden en avonturen te beleven. Dit kan leiden tot grensoverschrijdend gedrag en incidenten. Deze persoon wil zelf niet minderen maar verwacht dat in een volgende levensfase wel te doen.
  4. De drugs starter is onervaren en nieuwsgierig en wil drugs graag uitproberen. Het gebrek aan kennis kan een risico zijn.
  5. De sociale alcohol- en drugsgebruiker zoekt, net als de sociale alcoholgebruiker, samen met vrienden de grenzen op.  Het doel is samen avonturen beleven. Dit kan leiden tot grensoverschrijdend gedrag en incidenten. Deze persoon wil zelf niet minderen maar verwacht dat in een volgende levensfase wel te doen.
  6. De stimulerende drugsgebruiker gebruikt drugs niet voor de gezelligheid, maar voor het stimulerende effect. Bijvoorbeeld om meer energie te hebben of beter te focussen tijdens werk of studie.
  7. De geestverruimende drugsgebruiker gebruikt middelen zoals 2-CB, ketamine, truffels maar ook cannabis om de wereld op een andere manier waar te nemen of om inzichten te krijgen.
  8. De coping gedreven gebruiker gebruikt drugs om negatieve emoties zoals verdriet, angst of stress (tijdelijk) niet te hoeven voelen. Jongeren die om deze reden drugs gebruiken ontwikkelen vaker problematisch gebruik en vinden het moeilijker om te stoppen of te minderen.
  9. De stopper heeft in het recente verleden op problematische wijze drugs of alcohol gebruikt en is nu bewust gestopt of wil stoppen. Blijvend stoppen kan een langdurig en lastig proces zijn.

Download hier het eindrapport.

Meer info

Meer informatie

Martha de Jonge

Stuur een bericht aan contactpersoon Martha de Jonge of bel +31 (0)30 - 2959(329)