Blog |

‘Omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst’ betekent geen blurring met alcohol

Op 15 december 2021 werd het coalitieakkoord gepresenteerd. De verwachting was dat er stevige plannen voor versterking van het preventiebeleid in zouden staan. Het coalitieakkoord bevat zeker zinvolle voorstellen, maar het credo van dit akkoord past wat ons betreft nog onvoldoende bij de doelen die gesteld zijn in het Nationaal Preventieakkoord Problematisch alcoholgebruik. Dat geldt in het bijzonder voor de voorgenomen blurring-maatregel, die ervoor zorgt dat dit akkoord niet wordt versterkt maar juist ondermijnd.

Effecten van blurring met alcohol

Dit kabinet beoogt blurring toe te staan, ofwel mengformules, waardoor de Alcoholwet wordt versoepeld. Blurring is het combineren van verschillende bedrijfsmodellen zoals horeca, detailhandel en/of slijterij. Dat zou betekenen dat in de supermarkt, de schoenenzaak en bij de kapper alcohol aangeboden en geschonken mag worden.

Blurring staat haaks op advies van de WHO

De maatregel staat haaks op de aanbevelingen van de WHO en het RIVM, die juist aangeven dat beperking van beschikbaarheid een van de meest effectieve vormen van alcoholpreventie is. Veel wetenschappelijke studies ondersteunen die aanbeveling. In het kader van het preventieakkoord inventariseerde Berenschot1De Boer, Oostdijk, Zwaveling & De Groot (2019). Effecten van het initiatiefwetsvoorstel ‘Regulering mengformules’. Utrecht: Berenschot. (2019) de beschikbare wetenschappelijke onderzoeken naar blurring. De uitkomsten daarvan zijn klip en klaar:

  1. Blurring is ongunstig voor de volksgezondheid. Aannemelijk is dat het gebruik en de zichtbaarheid van alcohol door blurring toeneemt, waardoor ook de (gezondheids)schade toeneemt voor de drinker zelf en (anderen in) de maatschappij. De bredere beschikbaarheid en zichtbaarheid van alcohol is met name ongunstig voor kinderen, jongeren, jongvolwassenen, personen die een verslaving hebben (gehad) of aanleg daarvoor hebben.
  2. Blurring is ongunstig voor de verkeersveiligheid. Er is duidelijk bewijs dat alcoholgebruik, zelfs in kleine hoeveelheden, negatieve effecten heeft op de verkeersveiligheid bij het autorijden, en in mindere mate ook bij  fietsen.
  3. Blurring vergt extra inzet van gemeenten voor handhaving, terwijl die handhavingscapaciteit al beperkt is.

Positieve economische effecten niet hard gemaakt

De onderzoekers achten het redelijk aannemelijk dat er door de toename van de verkoop van alcohol en andere producten positieve economische effecten zijn voor betrokken ondernemers en gemeenten, maar wijzen er ook op dat effecten voor de ontwikkeling van binnensteden niet hard zijn gemaakt.

Zitten klanten te wachten op een drankje in de supermarkt, de schoenenzaak of bij de kapper? Dat is maar de vraag. Uit onderzoek van Gfk2Louwen, Van Veen & Versluys (2016). Beleidsverkenning Kennisniveau schadelijkheid van alcohol. Dongen: GfK. (2016) blijkt dat bijna vier van de vijf Nederlanders het niet normaal vindt dat klanten bij de kapper alcohol kunnen drinken. Onderzoek van het SEO3Vermeulen et al (2020). Beschikbaarheid van alcohol. Amsterdam: SEO Economisch Onderzoek. (2020) laat zien dat meer mensen voor dan tegen strenge handhaving van het huidige verbod op blurring zijn.

Terugdringen van de schade van alcohol 

Alcoholgebruik brengt hoge kosten met zich mee voor de samenleving, zowel in de persoonlijke levenssfeer als in economische zin. Ook na verrekening met de baten, zijn de maatschappelijke kosten van alcohol nog altijd substantieel. Die bedragen jaarlijks 2,3 tot 4,2 miljard euro. Deze economische schade is vooral voor zorg, verkeer, werkgevers, politie en justitie (RIVM, 2018)4De Wit, Van Gils, Over, Suijkerbuijk, Lokkerbol, Smit, … & De Kinderen (2018). Maatschappelijke kosten-batenanalyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen..

De beperkte economische voordelen op korte termijn van blurring met alcohol lijken zwaarder te wegen dan de belangen voor de volksgezondheid en de kosten daarvan op de korte en lange termijn. Met deze maatregel draagt het kabinet bij aan de toename van de beschikbaarheid van alcohol. Dat ondermijnt de doelen van het preventieakkoord én het advies van de Gezondheidsraad5Gezondheidsraad (2015). Richtlijnen goede voeding 2015. Den Haag: Gezondheidsraad. (2015) om niet te drinken, in ieder geval niet meer dan één glas per dag.

Wat ons betreft past blurring met alcohol dan ook niet in een beleid gericht op omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst.

Initiatiefnemers

  • Gerard Molleman, em. hoogleraar Preventie en publieke gezondheid, Radboudumc
  • Ninette van Hasselt, hoofd Expertisecentrum Alcohol, Trimbos-instituut

Ondertekenaars

  • Pim Assendelft, hoogleraar Preventie in de zorg, Radboudumc
  • Douwe Atsma, hoogleraar Cardiologie, LUMC
  • Wim van den Brink, em. hoogleraar Verslavingszorg, AmsterdamUMC
  • Rutger Engels, hoogleraar Psychopathologie, Erasmus Universiteit Rotterdam
  • Andrea Evers, hoogleraar Gezondheidspsychologie, Universiteit Leiden
  • Henk Garretsen, em. hoogleraar Gezondheidszorgbeleid, Tilburg University
  • Anneke Goudriaan, hoogleraar Werkingsmechanismen en behandeling van verslaving, AmsterdamUMC
  • Kees de Graaf, em. hoogleraar Sensoriek en Eetgedrag, Wageningen University & Research
  • Vincent Hendriks, hoogleraar Verslaving en Psychiatrische Comorbiditeit, LUMC
  • Anja Huizink, hoogleraar Ontwikkelingspsychopathologie, VU
  • Marloes Kleinjan, hoogleraar Mentale Gezondheidsbevordering Jeugd, Universiteit Utrecht
  • Stef Kremers, hoogleraar Gezondheidsbevordering, Maastricht University
  • Jeroen Jansen, hoogleraar Hoofd-halsoncologie, LUMC
  • Dike van de Mheen, hoogleraar Transformaties in de zorg, Tilburg University
  • Jochen Mierau, hoogleraar Economie van de volksgezondheid, Rijksuniversiteit Groningen
  • Gera Nagelhout, hoogleraar Gezondheid en welzijn van mensen met een lagere sociaaleconomische positie, Maastricht University
  • Hans van Oers, hoogleraar Publieke gezondheid, Tilburg University
  • Roy Otten, hoogleraar Klinische ontwikkelingspsychologie, Radboud Universiteit
  • Hanno Pijl, hoogleraar Diabetologie, LUMC
  • Gertjan Schaafsma, hoogleraar Voeding en geneesmiddelen, Wageningen University& Research
  • Onno van Schayck, hoogleraar Preventieve Geneeskunde, Maastricht University
  • Arnt Schellekens, hoogleraar Psychiatrie en verslaving, Radboudumc
  • Jaap Seidell, hoogleraar Voeding en gezondheid, VU
  • Brigit Toebes, hoogleraar Gezondheidsrecht in Internationaal Perspectief, Rijksuniversiteit Groningen
  • Louk Vanderschuren, hoogleraar Neurobiologie van gedrag, Universiteit Utrecht.
  • Jacqueline Vink, hoogleraar Ontwikkelingspsychopathologie, Radboud Universiteit
  • Taco de Vries, hoogleraar Hersenen en gedrag, AmsterdamUMC
  • Reinout Wiers, hoogleraar Ontwikkelingspsychopathologie, UvA

Bronnen

Voetnoten

  • 1
    De Boer, Oostdijk, Zwaveling & De Groot (2019). Effecten van het initiatiefwetsvoorstel ‘Regulering mengformules’. Utrecht: Berenschot.
  • 2
    Louwen, Van Veen & Versluys (2016). Beleidsverkenning Kennisniveau schadelijkheid van alcohol. Dongen: GfK.
  • 3
    Vermeulen et al (2020). Beschikbaarheid van alcohol. Amsterdam: SEO Economisch Onderzoek.
  • 4
    De Wit, Van Gils, Over, Suijkerbuijk, Lokkerbol, Smit, … & De Kinderen (2018). Maatschappelijke kosten-batenanalyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen.
  • 5
    Gezondheidsraad (2015). Richtlijnen goede voeding 2015. Den Haag: Gezondheidsraad.
Ninette van Hasselt
Programmamanager Alcohol
Bel: +31 (0)30 - 2959(312)
Toon telefoonnummer +31 (0)30 - 2959(312)