Nieuws |

Eén op de vijf jonge kinderen gebruikt regelmatig vier of meer digitale apparaten

Uit het jaarlijkse Iene Miene Media onderzoek van Netwerk Mediawijsheid in samenwerking met het Trimbos-instituut blijkt dat één op de vijf kinderen van 0-6 jaar regelmatig vier, vijf, zes of zelfs meer digitale apparaten gebruikt. De verscheidenheid van het digitale mediagebruik maakt het lastig voor opvoeders om grip te houden. Het gevolg is dat de richtlijnen voor schermtijd vaak worden overschreden.

Gemiddeld gebruiken jonge kinderen iets meer dan twee apparaten op een dag maar een aanzienlijke groep gebruikt er veel meer.

Zorgen over digitale apparaten dichtbij ogen en oren

Experts maken zich vooral zorgen over digitale apparaten die dicht bij het lichaam gebruikt worden, zoals touchscreens. Veelvuldig gebruik van smartphones en tablets kan bijvoorbeeld bijziendheid versterken. Ook kan het gebruik van oortjes of koptelefoons leiden tot gehoorproblemen. ‘Dichtbij-apparaten’ nodigen ook eerder uit tot stilzitten dan bijvoorbeeld televisiekijken. Zo zitten kinderen met een ‘dichtbij- apparaat’ zoals een smartphone vaker op een stoel aan tafel. Televisiekijken daarentegen biedt de ruimte om tussendoor weg te lopen of bijvoorbeeld te dansen op de muziek van het tv-programma.

Dr. Anouk Tuijnman, senior onderzoeker bij het Trimbos-instituut geeft daarnaast aan dat het gebruik van een tablet of smartphone vaak alleen gebeurt en het voor ouders lastiger is om te begeleiden: “Samen televisiekijken op afstand heeft daarom de voorkeur boven het individuele gebruik van ‘dichtbij-apparaten’ zoals tablets en smartphones.”

Richtlijn Gezond Schermgebruik vaak overschreden

Jonge kinderen besteden gemiddeld bijna twee uur per dag aan digitale media inclusief audio. De gemiddelde schermtijd komt neer op 102 minuten per dag. Alleen al aan televisie en (korte) video’s besteden kinderen tot en met 2 jaar circa een uur per dag, en kinderen van 3-4 en 5-6 jaar ongeveer anderhalf uur per dag. Dat ligt ruim boven de landelijke Richtlijn Gezond Schermgebruik.

De richtlijn adviseert om kinderen tot 2 jaar bij voorkeur geen scherm te laten gebruiken, kinderen tot 4 jaar maximaal een half uur per dag en kinderen tot 8 jaar niet meer dan een uur per dag. In de praktijk overschrijden jonge kinderen deze aanbevelingen dus vaak al met televisie kijken en filmpjes streamen, nog los van het gebruik op tablets, smartphones en spelcomputers. “De daadwerkelijke schermtijd ligt waarschijnlijk nog hoger, omdat kinderen ook buitenshuis met digitale media in aanraking komen zoals bij de opvang, op school of bij familie”, aldus dr. Tuijnman. “Dat benadrukt hoe belangrijk het is dat ouders goed kijken wanneer, waarom en hoelang ze hun kind digitale media laten gebruiken. De richtlijn Gezond Schermgebruik kan hen daarbij helpen.”

De kracht van sámen media gebruiken

Naast de hoeveelheid tijd speelt vooral de manier waarop media worden gebruikt een belangrijke rol. Ongeveer de helft van de kinderen (49%) gebruikt digitale media meestal alleen of met leeftijdsgenoten. Voor veel opvoeders is mediagebruik een praktisch onderdeel van de dagelijkse routine: 72% van de opvoeders zet digitale media in om hun kind een moment voor zichzelf te geven en 67% van de opvoeders zet digitale media in om iets voor zichzelf te doen. Dat betekent dat mediagebruik vaak plaatsvindt zonder actieve begeleiding. Dr. Peter Nikken geeft aan dat het juist bij jonge kinderen uitmaakt hoe en met wie ze media gebruiken: “samen kijken, uitleg geven en meedoen helpt hen beter te begrijpen wat ze zien. Kinderen leren sociale vaardigheden, taal en begrip niet van een scherm op zich, maar van de interactie eromheen. Als ze vooral alleen kijken of spelen, dan missen ze een belangrijk deel van die ontwikkeling.”

Opvoeders zoeken houvast

Eén op de tien opvoeders geeft aan moeite te hebben met het volhouden van afspraken (8%) of het geven van uitleg over risico’s (13%). Een kwart van de opvoeders (25%) heeft moeite met hun eigen voorbeeldgedrag, bijvoorbeeld door meer digitale media te gebruiken als de kinderen erbij zijn dan ze zouden willen. Ouders willen grip houden op het mediagebruik van hun kind, maar missen concrete handvatten of zijn zich er niet van bewust dat deze er zijn. Hier ligt een belangrijke opdracht voor Netwerk Mediawijsheid, het Expertisecentrum Digitalisering en Welzijn van het Trimbos-instituut en voor de vele gemeentelijke instanties die ouders en kinderen kunnen ondersteunen zoals bibliotheken, de basisschool en kinderopvang, consultatiebureaus en ook de kraamzorg. Dr. Tuijnman wil benadrukken dat opvoeders er niet alleen voor staan. Op de website digitalebalans.nl met bijbehorende chat- en telefoonlijnen kunnen ouders bijvoorbeeld terecht met hun vragen.

Meer informatie

Anouk Tuijnman
Senior projectmedewerker