Mentale gezondheid bespreekbaar maken in de JGZ: zo pakt GGD Hart voor Brabant dat aan
In Nederland krijgt ongeveer 1 op de 10 vrouwen na de bevalling een postpartum depressie. Vroege signalering en het tijdig verwijzen naar preventieve ondersteuning kan het verschil maken voor ouders én kinderen. Met het stappenplan Mentaal Gezonde Start ondersteunt het Trimbos-instituut regio’s bij de implementatie van de ketenaanpak preventie van postpartum depressie (PPD). Jinke van der Put, werkzaam bij GGD Hart voor Brabant, vertelt hoe zij dit in de praktijk aanpakten en wat zij daarvan leerden.
We zien een rol voor onze GGD-professionals om het gesprek aan te gaan over mentale gezondheid
Uit onderzoek weten we dat vrouwen met een postpartum depressie (PPD) het moeilijk vinden om hierover te praten. In de periode dat een PPD ontwikkelt, zien JGZ professionals deze ouders regelmatig. Wij vonden het belangrijk dat het onderwerp PPD ruimte krijgt in het gesprek met ouders. Daarom startte onze GGD in 2019 een pilot, deze resulteerde uiteindelijk in een succesvolle PPD aanpak in onze hele regio.
Van lokaal initiatief naar uitrol in de hele GGD regio: zo pakten we dat aan
Sinds 2015 nodigt het algemeen bestuur van de GGD Hart voor Brabant mensen uit om hun innovatieve ideeën in te dienen om zorg te verbeteren. Collega’s vanuit jeugdgezondheid, beleid en gezondheidsbevordering zagen hierin een kans om PPD bespreekbaar te maken binnen de JGZ en bij ketenpartners. Een projectgroep heeft in 2018 een idee ingediend en vanuit daar zijn we begonnen aan de ontwikkeling van de ketenaanpak preventie van PPD. Er werden vanuit de GGD middelen beschikbaar gesteld om een pilot op te zetten in twee gemeenten. Deze pilot was onderdeel van een groter project dat werd gecoördineerd door GGD GHOR Nederland en het Trimbos-instituut in samenwerking met de Academische Werkplaats Twente waarin de toolkit Mentaal Gezonde Start werd ontwikkeld.
De pilot bestond uit een lokale aanpak waar werd ingezet op drie pijlers die overeenkomen met het Stappenplan Mentaal Gezonde Start: signaleren, bespreken en verwijzen. Voor het signaleren zijn we gestart met het scholen van professionals door middel van de e-learning Mentaal Gezonde Start (beschikbaar in de toolkit) waarna de JGZ-professionals zijn gaan werken met de Edinburgh Postnatal (Postpartum) Depression Scale (EPDS) vragenlijst. Daarnaast is onderzoek gedaan naar mogelijke interventies om in te kunnen zetten als er sprake is van een verhoogde kans op PPD. Ook is lokaal via een werkgroep verwijsaanbod rondom PPD in kaart gebracht. Zo hadden de JGZ-professionals ook handelingsperspectief als zij een verhoogd risico op PPD signaleerden.
De eerste resultaten en reacties van zowel JGZ-medewerkers als pas bevallen moeders waren zeer positief. Zo waren de jeugdverpleegkundigen tevreden over de e-learning van het Trimbos-instituut en vonden zij de werkwijzen eenvoudig in te passen in hun dagelijkse werk. Ook de moeders gaven aan “goed dat de GGD aandacht voor dit onderwerp heeft, geen probleem om de vragenlijst in te vullen”. Daarop is besloten de pilot uit te rollen over de hele regio GGD Hart voor Brabant.
Wat werkte goed voor de implementatie?
Wat werkte in de praktijk was bewust ruimte maken tijdens het spreekuur om na te gaan hoe het gaat met de ouder om zo een beginnende depressie te signaleren. Hierbij ging het niet alleen om tijd vrijmaken hiervoor, maar juist ook om meer bewustwording over mentale gezondheid en het normaliseren van het onderwerp bespreken tijdens het spreekuur. De screeningslijst die ouders voorafgaand aan het consult invulden was een handige aanknoping voor het gesprek. De projectleider heeft het mogelijk gemaakt om de EPDS online in te vullen om het vervolgens makkelijk te kunnen registreren in ons dossier.
Ook merkten we dat het handelingsperspectief erg belangrijk was. Want wat kun je adviseren aan een ouder als je vaststelt dat iemand een risico heeft op mentale klachten? En waar kan je waar nodig naar doorverwijzen? Een sociale kaart als houvast voor onze professionals was een belangrijk hulpmiddel in de gesprekken. Zo konden JGZ-professionals echt concrete tips meegeven aan ouders. En in een aantal gemeenten zijn we ook vrij snel gestart met de interventie Mamakits. Dit is een laagdrempelige interventie waarbij ouders 3 gesprekken hebben met Mamakits geschoolde JGZ-professionals. Dit hielp enorm om onze aanpak goed te kunnen borgen.
Het belang van een ‘kartrekker’ op het thema en de juiste verwijsmogelijkheden
Tijdens de implementatie merkten we dat de aanpak het best tot zijn recht komt wanneer er expliciet iemand verantwoordelijk is voor het overzicht en de voortgang, bijvoorbeeld in de vorm van een (lokale) projectleider. Die rol helpt te borgen dat professionals de werkwijze consequent toepassen en dat de preventieve mogelijkheden ook daadwerkelijk worden benut. Ook bleek het essentieel om te investeren in een sociale kaart. Zonder goed zicht op het lokale aanbod is het voor professionals lastig om ouders gericht verder te helpen, terwijl juist dat handelingsperspectief het gesprek versterkt. Tot slot leerden we dat aandacht voor het welbevinden van ouders tijd vraagt. In veel van onze gemeenten krijgen we de ruimte voor die extra aandacht via de MamaKits interventie.
Mentale gezondheid nu ook vast onderwerp van gesprek
We normaliseerden het gesprek over mentale gezondheid. De implementatie van de scholing voor professionals en de EPDS-vragenlijst maakt dat aandacht voor preventie van PPD echt onderdeel is geworden van ons spreekuur. We hebben inmiddels een duidelijk beeld van hoe de EPDS-vragenlijst wordt ingevuld. Ook zijn 17 van onze 19 gemeenten overtuigt van de meerwaarde van Mamakits. In deze gemeenten kunnen we ouders begeleiding bieden waar dat nodig is. We willen graag meer. Daarom hebben wij samen met het Trimbos-instituut en Tilburg University een projectidee ingediend bij ZonMW om te verkennen hoe we resultaten van onze preventieve PPD aanpak inzichtelijk kunnen maken.
Wij blijven structureel PPD onder de aandacht brengen bij onze eigen collega’s, bij onze netwerkpartners in de geboortezorg, maar ook bij de huisartsen. Aankomend jaar is de Mentaal Gezonde Start aanpak ook één van de speerpunten binnen het VSV Midden-Brabant. Daarnaast zetten we door middel van onderzoek in op o.a. de erkenning van Mamakits en zijn we samen met de gemeenten in gesprek om de aanpak structureel te borgen in de regio.
Tips voor andere regio’s
- Zorg dat je de randvoorwaarden goed op order hebt: maak het professionals zo makkelijk mogelijk om tijdens spreekuren hier ruimte voor te maken, zorg voor een werkende digitale EPDS in verschillende talen, voor de mogelijkheid om te kunnen registreren in het dossier en voor een handelingsperspectief in de vorm van een sociale kaart.
- Begin met kleine stappen.
- Vind je medestanders in het medisch en sociale domein die dit ook belangrijk vinden, het helpt als je gemeente ook het belang van Mentaal Gezonde Start inziet. Attendeer hen op de structurele aanpak Kansrijke Start waarin ‘Sterke ouders, kansrijke kinderen’ een van de pijlers/thema’s is.
- Investeer in een goede sociale kaart (zie bijvoorbeeld het voorbeeld zorgpad van GGD Hart voor Brabant, beschikbaar in de toolkit).
- Belangrijk om aandacht te vragen voor deze doelgroep binnen de regionale en lokale coalities Kansrijke Start. Ik noem de ouders (en dus ook de vaders) met een postpartum depressie wel eens de vergeten doelgroep binnen Kansrijke start. Ouders die lekker in hun vel zitten, hebben meer veerkracht en kunnen beter omgaan met uitdagingen in de opvoeding. Het welbevinden van ouders heeft direct invloed op de ontwikkeling van hun kinderen. Door ouders vroegtijdig te ondersteunen, zorgen we echt dat hun kinderen ook een kansrijke start kunnen hebben in die eerste 1000 dagen.
- Benut bestaande materialen, zoals de toolkit Mentaal Gezonde Start van het Trimbos-instituut.