Suïcidaliteit, net zo complex als het weer

Op 10 september is het wereld suïcide preventie dag, een moment waarop we stilstaan bij het feit dat elke 40 seconden iemand ter wereld overlijdt door suïcide.

Op deze dag organiseren verschillende partijen, waaronder RINO Amsterdam, 113 zelfmoordpreventie en het Trimbos-instituut een groot congres rondom het opleiden van professionals. Ik mag dagvoorzitter zijn. Suïcide blijft een taboe onderwerp, ook voor professionals. Daarom pleiten wij tijdens dit congres voor het verplicht maken van het opleiden van professionals in gespreksvaardigheden rondom suïcidepreventie.

Net zo complex als het weer

Een van de redenen dat suïcide zo’n taboe onderwerp is, is dat het zo moeilijk te voorspellen is. Suïcide is voor professionals, maar ook voor patiënten en naasten ongrijpbaar. Epidemiologisch onderzoek heeft ons veel geleerd over de verschillende risicofactoren van grote groepen mensen, maar wat zegt dat nu over die éne patiënt in de praktijk van een arts of die partner die naast je op de bank zit? We weten bijvoorbeeld dat mannen een verhoogd risico hebben om te overlijden aan suïcide, maar dat is niet specifiek genoeg voor individuele preventie. In de psychiatrie, maar ook in de suïcidepreventie is het idee ontstaan dat psychiatrische problemen net zo complex zijn als het weer, ecosystemen of de economie. Om het weer te voorspellen kijk je ook niet alleen naar een geïsoleerde voorspeller zoals de temperatuur, maar bestudeer je de complexe interactie tussen vele variabelen, zoals luchtdruk, temperatuur, windrichting etc. Alleen was tot voor kort nog niet mogelijk om vergelijkbare data over menselijk gedrag te verzamelen.

Smartphone als meetstation

Dankzij de smartphone komt dit soort data ook voor de psychiatrie binnen handbereik. Via een app op je telefoon krijg je per dag meerdere korte vragen aangeboden, voor een periode van een week tot een paar maanden. Zo leren we hoe psychische klachten zich over de tijd ontwikkelen binnen één persoon. Samen met experts in zowel de psychiatrie als de ecologie schreef ik op verzoek van het internationale tijdschrift Suicide and life threathening behavior een artikel over wat deze ontwikkeling betekent voor suïcidepreventie. In dit artikel stellen we dat suïcidaliteit kan worden begrepen als het gevolg van de complexe interactie tussen verschillende symptomen zoals piekeren, slapeloosheid en gedachten aan de dood (Figuur 1).

Figuur 1: complexe interactie tussen verschillende symptomen

Wanneer één van deze symptomen, zoals piekeren, aangezet wordt door een stressor zoals ontslag, dan beïnvloedt piekeren weer andere symptomen zoals slapeloosheid. Slapeloosheid beïnvloedt  vervolgens gedachten aan de dood, maar zorgt ook weer voor meer piekergedachten, wat weer resulteert in intensere gedachten aan de dood. En zo verergeren de symptomen elkaar door de tijd heen, zelfs als de stressor zelf verdwenen is. Iemand wordt dus door de interactie tussen symptomen steeds suïcidaler, wat uiteindelijk tot een suïcide poging zou kunnen leiden.

Mensen bij wie de symptomen onderling sterker verbonden zijn, bij wie de pijlen tussen de symptomen dikker zijn, zijn volgens de theorie meer kwetsbaar voor psychologische problemen. Zo kunnen sommige mensen prima tegen een nacht slecht slapen, terwijl anderen na een doorwaakte nacht direct beginnen te piekeren en zich uitgeput en somber voelen. De verschillende symptomen vormen een netwerk, en netwerken zijn de bouwstenen van complexe systemen, iets waar andere wetenschappers zoals biologen al veel langer over nadenken. Daar kunnen wij vanuit de psychiatrie veel van leren.

Kritische omslagpunten

Een van de dingen die we leren is waarom iemand ogenschijnlijk opeéns depressief of suïcidaal kan worden. Complexe systemen zoals het weer, of het klimaat, maar waarschijnlijk ook suïcidaliteit kennen zogenaamde kritische omslagpunten. Lange tijd lijkt er niets aan de hand, maar onderhuids wordt het netwerk van symptomen toch steeds minder stabiel. Opeens komt er een moment waarop het systeem het niet meer kan houden, en omslaat. Vergelijk het met een kano. Op een bepaald moment is een kano niet meer te houden en is een kleine beweging genoeg om om te slaan.

Derek de Beurs
Programmahoofd Epidemiologie