Mijn Trimbos Wat is Mijn Trimbos?

   

Symptomen autismespectrum stoornissen

Binnen de DSM IV worden 5 autismespectrum stoornissen onderscheiden.

Autistische stoornis
De symptomen van de autistische stoornis bestaan uit drie soorten beperkingen:[1]

1. Kwalitatieve beperkingen in de sociale interacties, zoals blijkt uit tenminste twee van de volgende vier symptomen:

  • Duidelijke stoornissen in het gebruik van normaal nonverbaal gedrag zoals Oogcontact.
  • Er niet in slagen met leeftijdgenoten relaties op te bouwen die passen bij de leeftijd.
  • Tekort in het spontaan met anderen delen van plezier, bezigheden of prestaties.
  • Afwezigheid van sociale of emotionele wederkerigheid.

2. Kwalitatieve beperkingen in de communicatie, zoals blijkt uit tenminste één van de volgende vier symptomen:

  • Achterstand in de ontwikkeling van de gesproken taal, of afwezigheid van taal.
  • Bij kinderen met voldoende spraak duidelijke beperkingen in het vermogen een gesprek met anderen te beginnen of te onderhouden.
  • Stereotiep en herhaald taalgebruik, of eigenaardig woordgebruik.
  • Afwezigheid van spontaan fantasiespel (’doen-alsof’ spelletjes) of sociaal imiterend spel (’nadoen’ spelletjes) passend bij het ontwikkelingsniveau.

3. Beperkte, zich herhalende stereotype patronen van gedrag, belangstelling en activiteiten zoals blijkt uit ten minste één van de volgende vier symptomen:

  • Sterke preoccupatie met één of meer stereotype en beperkte patronen van belangstelling die niet normaal is wat betreft intensiteit of richting. Bijvoorbeeld een intense belangstelling voor bepaalde voorwerpen (batterijen, magneten, klokken) of onderwerpen (onweer, zeemeerminnen, molens).[3]
  • Duidelijk rigide vastzitten aan specifieke niet-functionele routines of rituelen. Bijvoorbeeld een vaste volgorde bij het aankleden, of een vaste route door de supermarkt).[3]
  • Stereotype en zich herhalende lichaamsbewegingen, bijvoorbeeld fladderen of draaien van hand of vinger of complexe bewegingen met het hele lichaam.
  • Aanhoudende preoccupatie met delen van voorwerpen.

De autistische stoornis leidt vóór het derde levensjaar tot een achterstand op een of meer van de volgende gebieden:

  • Sociale contacten
  • Taal zoals te gebruiken in sociale context
  • Symbolisch of fantasiespel (mensen met autisme hebben een sterke neiging tot concreet denken)

Stoornis van Rett
De zeldzame stoornis van Rett komt alleen bij meisjes voor. Er treden symptomen op na een normale ontwikkeling van ten minste vijf maanden. In de eerste vijf maanden na de geboorte kennen zij een normale ontwikkeling, daarna treden de volgende symptomen op:[1]

  • Afname van de schedelgroei tussen vijf maanden en vier jaar (terwijl de schedelomvang bij de geboorte nog normaal was).
  • Verlies van eerder verworven doelgerichte handvaardigheden tussen vijf maanden en tweeëneenhalf jaar. Hierop volgt de ontwikkeling van stereotiepe handbewegingen.
  • Verlies van sociale betrokkenheid vroeg in het beloop
  • Optreden van een slechte coördinatie van het lopen of de bewegingen van de romp.
  • Ernstige beperkingen in de ontwikkeling van de expressieve en receptieve taal met ernstige psychomotorische achterstand.

Desintegratiestoornis
Bij mensen met de desintegratiestoornis van de kinderleeftijd treden de autistische symptomen pas op na een normale ontwikkeling van ten minste twee jaar. Na deze periode treden de volgende symptomen op:[1]

  • Aanzienlijk verlies van voorheen verworven vaardigheden (voor het tiende jaar) op ten minste twee van de volgende vijf terreinen:
    o Expressieve en receptieve taal
    o Sociale vaardigheden en aanpassingsgedrag
    o Zindelijkheid (zowel urine als ontlasting)
    o Spel
    o Motorische vaardigheden
  • Afwijking in het functioneren op ten minste twee van de volgende drie terreinen: 
    Kwalitatieve beperkingen in sociale interacties (bij voorbeeld nonverbaal gedrag; relaties met leeftijdgenoten; gebrek aan sociale en emotionele wederkerigheid)
    o Kwalitatieve beperkingen van de communicatie
    o Beperkte, zich herhalende en stereotype patronen van gedrag, belangstelling en activiteiten

Stoornis van Asperger
Bij mensen met de stoornis van Asperger is geen sprake van een achterstand in de taalontwikkeling, cognitieve ontwikkeling of in de ontwikkeling van vaardigheden om zichzelf te helpen. Wel is er sprake van andere beperkingen:[1]

  • Kwalitatieve beperkingen in de sociale interactie, zoals blijkt uit ten minste twee van de volgende vier symptomen:
    o Stoornis in nonverbaal gedrag zoals oogcontact, gelaatsuitdrukking en lichaamshouding in sociale contacten
    o Er niet in slagen met leeftijdsgenoten een relatie op te bouwen die past bij het ontwikkelingsniveau
    o Te weinig spontaan proberen om plezier, bezigheden en prestaties te delen
    o Afwezigheid van emotionele wederkerigheid
  • Beperkte, zich herhalende en stereotype gedragspatronen, belangstelling en activiteiten zoals blijkt uit ten minste één van de volgende vier symptomen:
    o Sterke preoccupatie met één of meer stereotype patronen van belangstelling die abnormaal is in intensiteit of aandachtspunt
    o Rigide vastzitten aan specifieke niet-functionele routines of rituelen
    o Stereotype en zich herhalende lichaamsbewegingen
    o Aanhoudende preoccupatie met delen van voorwerpen.

    De stoornis van Asperger leidt daarnaast tot ernstige beperkingen in het sociaal of beroepsmatig functioneren of het functioneren op andere belangrijke terreinen.

PDD-NOS
Voor mensen die net niet voldoen aan de criteria van een van de bovenstaande stoornissen bestaat een aparte diagnose: pervasieve ontwikkelingsstoornis niet anderszins omschreven (inclusief atypisch autisme), ook wel PDD-NOS genoemd.
Bij deze mensen is sprake van:

  • Ernstige en ingrijpende beperking in de ontwikkeling van de sociale interactie, samen met tekortkomingen in (non)verbale communicatieve vaardigheden of de aanwezigheid van stereotiep gedrag, interesses en activiteiten.

laatst bijgewerkt: 09-03-2010