AI, companions en sociale relaties
Welzijnsdomein:
Bij AI denken we vaak aan automatisering en het makkelijker maken van saaie of lastige taken. Maar steeds vaker worden AI-chatbots ook als ‘gesprekspartner’ gebruikt: voor advies, het verkennen van gevoelens, sociale oefening of zelfs voor romantische of intieme interactie. Deze relationele toepassing van AI wordt ook wel AI-companionship genoemd. Op deze pagina vind je informatie over het gebruik van AI als companion, de mogelijke voor- en nadelen hiervan voor sociale relaties en ons welzijn en handvatten voor professionals om hiermee om te gaan.
Deze informatie is opgesteld door het
Expertisecentrum Digitalisering en Welzijn
Heb je vragen?
Neem dan contact met ons op.
In het kort
Er zijn diverse ontwerpkenmerken die generatieve AI aantrekkelijk maakt als ‘gesprekspartner’. Er zijn situaties waarin het AI-companionship een positieve werking heeft, zoals het oefenen van sociale relaties. Maar er zijn ook diverse risico’s aan het relationele gebruik van AI, zoals emotionele afhankelijkheid en mogelijk meer eenzaamheid.
Op deze pagina
AI als virtuele vriend: hoe vaak komt dat voor?
AI-chatbotprogramma's zoals Claude en ChatGPT worden inmiddels voor allerlei toepassingen ingezet: van het schrijven van emailteksten tot hulp bij het maken van huiswerkopdrachten. Maar we zien ook dat AI-chatbots steeds vaker worden gebruikt als gesprekspartner: als zogenoemde ‘AI companion’. Sommige AI-toepassingen, zoals Replika, Character.AI en Nomi, zijn expliciet ontworpen voor companionship. Maar AI-companionship kan ook ontstaan in interactie met algemene chatbots als ChatGPT, Gemini, Claude of Copilot, doordat gebruikers er persoonlijke onderwerpen mee bespreken.1
Onder jongeren is dit soort gebruik van AI inmiddels zelfs gewoon geworden. Common Sense Media vond in een nationaal representatief onderzoek onder 1.060 Amerikaanse jongeren (13-17 jaar) dat 72% van de tieners minstens één keer een AI-companion heeft gebruikt en 52% AI-companions regelmatig gebruikt. 13% van alle tieners gebruikt AI-companions zelfs dagelijks.1 Pew Research Center vond in dezelfde periode dat 64% van de Amerikaanse jongeren chatbots gebruikt, waarvan ongeveer drie op de tien dat dagelijks doet.2
Het Britse Emotional AI Lab (Universiteit van Bangor) rapporteerde in januari 2026 op basis van 1.009 tieners dat 96% van de respondenten minstens één van de 31 onderzochte applicaties als AI-companion heeft gebruikt en 53% van de tieners matig tot volledig vertrouwen heeft in de informatie en adviezen die zij ontvangen.3 Tegelijkertijd geeft 77% van de jongeren aan dat AI niet kan voelen, terwijl 56% wel denkt dat AI-systemen kunnen denken of begrijpen.
In Nederland is specifiek onderzoek naar de inzet van AI als sociaal gezelschap op dit moment beperkter. Pilotonderzoek van het Expertisecentrum Digitalisering en Welzijn liet zien dat ongeveer 20% van de 12 tot 17-jarigen gebruikmaakt van AI-chatbots.4 Bredere cijfers van het CBS geven aan dat 23% van Nederlanders van 12 jaar en ouder generatieve AI-tools zoals ChatGPT gebruikt, oplopend tot bijna 50% onder 18-25 jarigen.5
Ook onder volwassenen verschuift het gebruik van AI meer richting emotionele toepassingen. Het Britse AI Security Institute rapporteerde dat ongeveer een op de drie Britse volwassenen AI gebruikt voor emotionele ondersteuning, gezelschap of sociale interactie, en ongeveer 4% doet dit dagelijks.6
Waarom zijn AI-companions zo aantrekkelijk?
Generatieve AI heeft technische en menselijke kenmerken die het gebruik als gesprekspartner versterken. Zo zijn er veel modellen ‘vleien’, in het Engels vaak sycophancy genoemd. De vleierij is een gevolg van hoe het taalmodel bij een AI-programma is getraind. Dat gebeurt namelijk met menselijke feedback, waarbij menselijke beoordelaars vaak positiever reageren op bevestigende, vleiende antwoorden. Daardoor hebben veel modellen niet alleen geleerd wat het juiste of verkeerde antwoord is, maar ook welke toon ze moeten hebben in hun antwoord.7 De keerzijde: AI biedt daarom zelden kritisch tegenwicht, tenzij je er zelf om vraagt.
Ook is er sprake van hyperpersonalisatie van AI-chatbots op basis van de persoonlijke interacties die een gebruiker met de chatbot heeft. Elke interactie kan worden gebruikt om een profiel op te bouwen van jouw voorkeuren, terugkerende thema's en geschatte emoties. Dat profiel maakt dat antwoorden steeds beter aansluiten bij de individuele gebruiker en vergroot daarmee de kans dat iemand terugkomt voor een volgend gesprek. Deze programmering wordt ook wel ‘emulated empathy’ genoemd.
Mensen schrijven daarnaast van nature graag menselijke eigenschappen toe aan niet-menselijke voorwerpen of dieren. Dat noemen we ‘antropomorfiseren’. Recent onderzoek van de University of British Columbia onder 1.274 deelnemers laat zien dat individuele verschillen in antropomorfisme helpen verklaren waarom sommige mensen zich meer met AI verbonden voelen dan anderen: mensen die sterk geneigd zijn tot antropomorfiseren vergeten gemakkelijker dat de AI-chatbot geen echt persoon is.8 Dit wordt ook wel het ELIZA-effect genoemd, naar een van de eerste chatbots uit 1966.
Tot slot is het gebruik van AI voor gezelschap en relaties laagdrempelig. AI-companions zijn 24/7 bereikbaar, oordelen niet en vragen niets terug. Voor mensen die zich eenzaam voelen of weinig sociale steun ervaren vormt dit dan ook een aantrekkelijke aanvulling op of - in de minder gezonde scenarios’ - vervanging van bestaande sociale contacten.9, 10
De voordelen en risico’s van AI-companions
Voordelen voor (sociaal) welzijn
- Toegankelijke ondersteuning: AI-companions zijn altijd bereikbaar, oordelen niet en kosten geen sociaal kapitaal (de sociale netwetwerken van personen en de hulpbronnen die ze via deze netwerken kunnen gebruiken). Voor mensen die weinig aansluiting ervaren of die het lastig vinden om zorgen met anderen te delen, kan het laagdrempelige opluchting geven om zorgen of vragen zo toch nog te kunnen delen.9
- Oefenen van sociale vaardigheden: Sommige mensen gebruiken AI om gesprekken voor te bereiden, lastige boodschappen te formuleren of sociale situaties te oefenen. Dit kan zelfvertrouwen vergroten, mits het vervolgens wel ook leidt tot echte interactie.11
- Veilige ruimte voor reflectie: Het uiten van gedachten en gevoelens zonder angst voor afwijzing kan helpen om woorden te geven aan ervaringen. Onderzoek naar Replika-gebruikers laat zien dat sommige gebruikers AI ervaren als een veilige plek voor zelfreflectie.12
- Mogelijke tijdelijke vermindering van eenzaamheid: In specifieke contexten, zoals isolement of een tekort aan sociale steun, kunnen AI-companions op korte termijn gevoelens van eenzaamheid verminderen.9 Of dit effect ook op de lange termijn blijft bestaan, is onzeker (zie risico's hieronder).
Risico's voor (sociaal) welzijn
- Verzwakte oprechtheid en wederkerigheid: De "intimiteit" die AI oproept is kunstmatig en eenzijdig. De reacties zijn soms net niet passend of ongevoelig. De chatbot kan immers niet voelen. Maar wanneer gebruikers AI-relaties als gelijkwaardig ervaren aan menselijke relaties, kan dat hun échte relaties nog lastiger maken.13
- Emotionele afhankelijkheid en mogelijk meer eenzaamheid: Een experiment van het MIT Media Lab en OpenAI liet zien dat vrijwillig gebruik van chatbots samenhangt met slechtere uitkomsten op mate van eenzaamheid, sociale interactie met echte mensen, emotionele afhankelijkheid en problematisch AI gebruik. Individuele kenmerken zoals hoger vertrouwen in AI en sociale aantrekkingskracht tot de AI-chatbot hangen ook samen met meer emotionele afhankelijkheid en problematisch gebruik.14 Het is nog onduidelijk of eenzame mensen vaker AI opzoeken, of dat intensief AI-gebruik bestaande eenzaamheid verergert. Of dat er sprake is van beide verbanden die gelijktijdig bestaan.
- Verschuiving van menselijke naar machine-interactie: In het onderzoek van Common Sense Media gaf 31% van de tieners aan dat gesprekken met AI-companions "net zo bevredigend of bevredigender" waren dan gesprekken met echte vrienden. En 33% koos ervoor serieuze of belangrijke kwesties met AI te bespreken in plaats van met echte mensen.1 Dat is een aandachtspunt voor mensen in een ontwikkelingsfase waarin sociale vaardigheden worden gevormd, zoals adolescenten. Het belangrijk dat sociale vaardigheden ook vooral met leeftijdsgenoten en andere mensen worden geoefend.
- Afwezigheid van kritisch tegenwicht: Door de neiging tot vleierij spiegelt AI vaak de overtuigingen, emoties of intenties van de gebruiker terug. Dat kan ongezonde gedachtenpatronen of zelfs schadelijke ideeën bevestigen in plaats van uitdagen.7
- Risico's voor mentale gezondheid: Leidende AI-platforms, waaronder ChatGPT, Claude, Gemini en Meta AI, falen ondanks verbeteringen in hoe ze omgaan met expliciete content over suïcide en zelfbeschadiging, structureel in het herkennen van en passend reageren op mentale gezondheidsproblemen die jongeren raken.15 Verschillende rechtszaken zijn aangespannen door ouders van jongeren die overleden na intensieve interactie met AI-chatbots; een uitgebreide ethische analyse van de Character.AI zaak (Sewell Setzer III, 14 jaar) laat zien hoe ontwerpkeuzes rond dishonest anthropomorphism en nagebootste empathie kwetsbare gebruikers in verwarring kunnen brengen en zodoende schade kunnen aanrichten.16
- Privacyrisico's: De persoonlijke aard van gesprekken die gevoerd worden met AI-companions betekent dat deze AI-modellen ook veel gevoelige persoonlijke informatie verzamelen: bijvoorbeeld je gevoelens, informatie over je relatieproblemen of gezondheidskwesties van jou of je naasten. Veel apps verkopen of delen deze data. Gebruikers hebben vaak weinig zicht op hoe hun gegevens worden verwerkt.17 Die gegevens kunnen worden gebruikt om gebruikers te profileren en hun gedrag te beïnvloeden, waarbij kinderen extra kwetsbaar zijn.18
- Communicatie zonder herkenbaarheid: Het wordt steeds lastiger om chatbots van mensen te onderscheiden in online omgevingen. Dit kan het algemene vertrouwen in digitale communicatie ondermijnen en bijdragen aan gevoelens van vervreemding.
Wat we (nog) niet weten over AI-companions
Veel bestaand onderzoek is nog correlationeel (zonder harde cijfers over oorzaak en gevolg), kortlopend, of vooral gebaseerd op zelfrapportage. Langetermijneffecten op identiteitsontwikkeling, sociale vaardigheden en relatievorming zijn nog grotendeels onbekend. Ook is er weinig onderzoek dat specifiek kijkt naar de Nederlandse context, naar AI-companionship bij volwassenen, of naar specifieke aandachtsgroepen zoals mensen met een beperking of mensen met eerdere ervaring van eenzaamheid of psychische problematiek. Lees meer over de aandachtsgebieden voor onderzoek in de Onderzoeksagenda Digitalisering en Welzijn 2025-2026.
Wet- en regelgeving rondom AI-companions
De huidige wettelijke kaders zijn beperkt in hun bescherming. De Europese AI-verordening (AI Act) classificeert AI-companions namelijk niet automatisch als hoog risico. Deze classificatie ontvangen AI-companions alleen als ze worden ingezet binnen specifieke risicogebieden, zoals onderwijs. De verboden op manipulatieve technieken en het uitbuiten van kwetsbaarheden zijn vaak juridisch lastig toe te passen op vaak ongrijpbare risico's zoals emotionele afhankelijkheid.19
De transparantieverplichting (AI-systemen moeten kenbaar maken dat het AI betreft) biedt enige bescherming. Maar onderzoek laat zien dat dit besef tijdens langere gesprekken vervaagt en niet automatisch leidt tot ander gedrag bij gebruikers.11 De aankomende Digital Fairness Act biedt mogelijk meer aangrijpingspunten, maar is nog niet van kracht.
In de Verenigde Staten is in Californië wetgeving aangenomen die zorgaanbieders verplicht om expliciete waarschuwingen te tonen wanneer AI-companions met minderjarigen praten over zelfbeschadiging of suïcide. In Nederland en de rest van Europa ontbreekt vooralsnog vergelijkbare specifieke regelgeving.
Tips voor professionals: bewustwording en ondersteuning
Meer informatie
- Algemene informatie over o.a. digitale balans en AI: digitalebalans.nl
- Digitale Balans Infolijn: 0900-1996
- Voor professionals in onderwijs: Kennisnet trendverkenning AI als virtuele vriend
