Ambulantisering: feiten en cijfers

Nederland telt ongeveer 280.000 mensen met ernstige psychische aandoeningen. Het grootste deel van deze groep woont op zichzelf, met ambulante zorg. Een kleine groep woont in een instelling of beschermende woonvorm.

De meeste mensen met ernstige psychische aandoeningen verblijven in de samenleving. Toch maken ze daar niet echt onderdeel van uit. Een grote meerderheid wil meer gelegenheid krijgen om deel te nemen aan de samenleving. Eveneens een grote meerderheid heeft behoefte aan meer ondersteuning daarbij en bij het omgaan met de psychische klachten, sociale contacten en relaties, zinvolle dagbesteding, werk en opleiding.

Intramurale zorg en beschermd wonen

Nederland is met België Europees koploper wat betreft het aantal bedden in opnamevoorzieningen en verblijfsvoorzieningen in de GGZ. Dat aantal plaatsen is tussen 2002 en 2012 ongeveer constant gebleven. Het daalt sinds 2012 met ongeveer 6 procent per jaar. Het aantal plaatsen voor beschermd wonen is tussen 2002 en 2012 bijna verdrievoudigd en is sinds 2012 nog niet gedaald. Samen zijn de voorzieningen voor intramurale zorg en beschermd wonen verantwoordelijk voor 60 procent van de GGZ-uitgaven. 

Plaatsen voor beschermd wonen

Het aantal plaatsen voor beschermd wonen is in tussen 2002 en 2012 bijna verdrievoudigd. Vanaf 2012 is een lichte daling zichtbaar in het aantal opname- en (in mindere mate) verblijfsplaatsen. Het aantal plaatsen in voorzieningen voor beschermd wonen is in de periode 2012-2013 nog verder gestegen met 2 procent. Daarmee is per saldo het aantal mensen dat in een GGZ-instelling woont in 2013 nog iets gegroeid.

Ambulante zorg

In de afgelopen tien jaar heeft de ambulante zorg voor mensen met ernstige psychische aandoeningen zich ontwikkeld, zowel qua omvang als kwalitatief. Voortzetting en intensivering zijn nodig. Het is nog niet duidelijk in welke mate daar vanaf 2014 extra op is ingezet.

Meer verwarde personen?

Berichten over een toename van incidenten met verwarde (of overspannen) personen zijn lastig te duiden. Onderling kloppen de signalen niet altijd met elkaar. Ze hebben wel een grote impact op de beeldvorming. Serieuze aandacht voor deze signalen vraagt om onderzoek naar achtergronden en oorzaken, met aandacht voor maatschappelijke ontwikkelingen, ontwikkelingen in de zorg en registratie-effecten.

Download het position paper ten behoeve het ronde tafelgesprek GGZ van de vaste commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport van de Tweede Kamer, 18 mei 2015 (pdf)

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen? Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen.