NEMESIS-2

NEMESIS-2 is een vervolgstudie naar de psychische gezondheid van een representatieve groep volwassenen (18 t/m 64 jaar) uit de Nederlandse bevolking.

Eind 2007 is de NEMESIS-studie voor de tweede keer van start gegaan. Deze studie hebben we NEMESIS-2 genoemd. Aan de eerste meting deden 6.646 volwassenen mee. Deze deelnemers zijn met tussenpozen van steeds drie jaar meerdere keren geïnterviewd. In totaal zijn 4.007 deelnemers vier keer geïnterviewd. De vierde meting is medio juni 2018 afgerond.

NEMESIS-2 is een herhaling van de eerste NEMESIS-studie, maar is ook uitgebreid met onderwerpen die niet in NEMESIS-1 waren opgenomen. Zo is in NEMESIS-2 voor het eerst gekeken naar het vóórkomen van ADHD en gedragsstoornissen in de kindertijd. Naast deze nieuwe onderwerpen zijn de deelnemers van NEMESIS-2 ook gedurende een langere tijd gevolgd, in totaal 9 jaar, zodat meer inzicht verkregen kon worden in het langdurig verloop van psychische problemen.

Onderzochte aandoeningen

In NEMESIS-2 zijn psychische aandoeningen bepaald volgens criteria van de DSM-IV, het handboek van psychiaters. Het ging om:

Stemmingsstoornissen

De in NEMESIS-2 gemeten stemmingsstoornissen zijn: depressieve stoornis, dysthymie en bipolaire stoornis.

  • Depressieve stoornis. Iemand voelt zich minstens twee weken achter elkaar somber of heeft geen interesse of plezier meer in allerlei zaken, en heeft daarnaast een aantal andere klachten, zoals concentratieproblemen, moeite met slapen, vermoeidheid of verlies aan energie, gevoelens van waardeloosheid en gedachten aan de dood.
  • Dysthymie. Iemand heeft een depressieve stemming die minstens twee jaar duurt, maar die niet altijd even sterk aanwezig is. Daarnaast is sprake van minstens twee symptomen die bij een depressieve stoornis horen.
  • Bipolaire stoornis. Iemand heeft perioden van depressieve stemmingen die worden afgewisseld met perioden van grote activiteit, drukte of opwinding. In laatstgenoemde perioden heeft hij of zij een abnormale en voortdurende uitgelaten of juist geprikkelde stemming. Kenmerken zijn onder andere een overdreven gevoel van eigenwaarde of grootheidsideeën, verminderde behoefte aan slaap, veel spraakzamer zijn dan normaal en makkelijk afgeleid zijn.

Angststoornissen

In NEMESIS-2 zijn vijf angststoornissen bepaald: paniekstoornis, agorafobie, sociale fobie, specifieke fobie en gegeneraliseerde angststoornis.

  • Paniekstoornis. Iemand heeft aanvallen van ernstige ongefundeerde angst, die optreedt zonder dat daar directe aanleiding voor is, en die gepaard gaan met een aantal andere klachten, zoals ademnood, hartkloppingen, transpireren en angst om de controle over zichzelf te verliezen.
  • Agorafobie. Wanneer iemand uit vrees voor een sterke angst menigten gaat mijden en situaties waar men niet snel genoeg uit weg kan komen, is er sprake van agorafobie (ook wel pleinvrees genoemd). Agorafobie kan met en zonder paniekstoornis vóórkomen.
  • Sociale fobie. Iemand is heel bang voor bepaalde sociale situaties, vooral als daar een prestatie van deze persoon wordt verwacht. Men is bijvoorbeeld niet in staat in het openbaar te spreken. Vaak heeft men gevoelens van schaamte en angst voor afwijzing. Als het mogelijk is, probeert men de situatie te vermijden.
  • Specifieke fobie. Iemand heeft een grote angst voor één bepaald ding, dier of situatie (bijvoorbeeld angst voor spinnen, wateroppervlakten, vliegen). De angst moet wel zo groot zijn dat iemand daardoor in het dagelijks leven wordt beperkt.
  • Gegeneraliseerde angststoornis. Iemand maakt zich, beduidend meer dan normaal en zonder echt duidelijke reden, langdurig vreselijk druk over algemene zaken.

Middelenstoornissen

In NEMESIS-2 zijn alcohol- of drugsmisbruik en alcohol- of drugsafhankelijkheid bepaald:

  • Alcohol- of drugsmisbruik. Iemand gebruikt alcohol of drugs veelvuldig ondanks problemen die dat veroorzaakt, maar er is (nog) geen sprake van verslaving.
  • Alcohol- of drugsafhankelijkheid. Iemand gebruikt alcohol of drugs veelvuldig, en er is sprake van verslaving die zich uit in symptomen zoals meer en langer gebruiken dan men van plan was, weinig succesvolle pogingen om te minderen, en onthoudingsverschijnselen.

Aandachtstekort- en gedragsstoornissen

De in NEMESIS-2 gemeten aandachtstekort- en gedragsstoornissen zijn: ADHD, gedragsstoornis en oppositioneel-opstandige gedragsstoornis. Deze drie aandoeningen worden volgens DSM-IV bij kinderen en adolescenten gesteld. Van ADHD is ook het vóórkomen in de volwassenheid bepaald.

  • ADHD. De term ADHD staat voor aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit (Attention-Deficit/Hyperactivity Disorder). Iemand met ADHD is rusteloos, impulsief en kan zich moeilijk concentreren. De diagnose ADHD wordt bij volwassenen alleen gesteld als deze persoon als kind al aan ADHD leed, en dat sindsdien heeft gedaan.
  • Gedragsstoornis. Gedragsstoornis wordt gekenmerkt door een zich herhalend en aanhoudend gedragspatroon, waarbij de grondrechten van anderen geweld wordt aangedaan of belangrijke bij de leeftijd horende sociale normen en regels worden overtreden.
  • Oppositioneel-opstandige gedragsstoornis. Iemand met oppositioneel-opstandige gedragsstoornis heeft gedurende minimaal 6 maanden een patroon van negatief, agressief en opstandig gedrag laten zien.

Persoonlijkheidsstoornissen

De in NEMESIS-2 gemeten persoonlijkheidsstoornissen zijn: antisociale persoonlijkheidsstoornis en borderline persoonlijkheidsstoornis. Borderline persoonlijkheidsstoornis is alleen bepaald op de tweede meting.

  • Antisociale persoonlijkheidsstoornis. Deze stoornis wordt gekenmerkt door een diepgaand patroon van gebrek aan achting voor en schending van de rechten van anderen sinds het 15e jaar.
  • Borderline persoonlijkheidsstoornis. Deze stoornis wordt gekenmerkt door een diepgaand patroon van instabiliteit in interpersoonlijke relaties, zelfbeeld en emoties. Ook is er sprake van duidelijke impulsiviteit, beginnend in de vroege volwassenheid en tot uiting komend in diverse situaties.

Psychotische symptomen

In NEMESIS-2 is de aanwezigheid van 20 verschillende psychotische symptomen vastgesteld. Bijvoorbeeld of iemand last heeft gehad van hallucinaties zoals stemmen horen of wanen en overtuigingen.

Suïcidaliteit

In NEMESIS-2 is aanwezigheid van suïcidaliteit vastgesteld. Suïcide (zelfdoding) en het proces dat tot suïcide kan leiden worden tezamen suïcidaliteit genoemd. Aspecten van suïcidaliteit zijn suïcidegedachten, suïcideplannen en suïcidepogingen.

Metingen

NEMESIS-2 werd uitgevoerd door het Trimbos-instituut in opdracht van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Professionele interviewers van het veldwerkbureau GfK Panel Services Benelux voerden het veldwerk uit. De interviewers van NEMESIS-2 werden geselecteerd op basis van hun ervaring met face-to-face dataverzameling en met het uitvragen van persoonlijke onderwerpen. Zij werden getraind in het afnemen van de vragenlijst tijdens een driedaagse cursus. Ook hadden zij gedurende het veldwerk regelmatig persoonlijk contact met het veldwerkbureau.

Eerste meting

De eerste meting van NEMESIS-2 vond plaats van november 2007 tot juli 2009. Een getrapte, gestratificeerde, aselecte steekproefprocedure werd toegepast. Geselecteerde huishoudens ontvingen een brief waarin de studie werd aanbevolen door de toenmalige minister van VWS. Ook kregen zij een folder waarin de studie werd toegelicht. Daarna nam een interviewer contact op met het huishouden voor een afspraak.

De interviews werden bij de deelnemers thuis gehouden. De gemiddelde duur bedroeg 95 minuten. De duur van een interview varieerde sterk, afhankelijk van de psychische problemen die iemand eerder in zijn of haar leven had gehad. In totaal deden 6.646 volwassenen mee aan de eerste meting.

De opzet en resultaten van de eerste meting staan beschreven in het rapport "De psychische gezondheid van de Nederlandse bevolking".

Vervolgmetingen

Drie vervolgmetingen werden uitgevoerd: van de 6.646 volwassenen die deelnamen aan de eerste meting konden er drie jaar later (november 2010 tot juni 2012) 5.303 opnieuw succesvol worden geïnterviewd. Van de personen die aan deze tweede meting hadden deelgenomen konden er 4.618 drie jaar later (november 2013 tot juni 2015; 6 jaar na de eerste meting) opnieuw worden geïnterviewd voor de derde meting. Ten slotte deden van deze deelnemers 4.007 personen drie jaar later (november 2016 tot juni 2018; 9 jaar na de eerste meting) voor de vierde keer mee.

Alle deelnemers van een voorgaande meting kregen steeds een brief en folder met een uitnodiging opnieuw mee te doen. Daarna nam een interviewer contact op met de betrokkene om een afspraak te maken voor het interview. Dit vond steeds ongeveer 3 jaar na het vorige interview plaats. Het tweede en derde interview duurden gemiddeld 85 minuten. Het vierde interview duurde gemiddeld ongeveer 100 minuten.

De vervolgmetingen maken het mogelijk onderzoek te doen naar het vóórkomen van veranderingen in de psychische gezondheid van mensen over een periode van 9 jaar en daarbij na te gaan wat daaraan vooraf ging. De opzet en een aantal resultaten van de tweede meting staan beschreven in het rapport "Incidentie van psychische aandoeningen".

In NEMESIS-2 zijn DSM-IV aandoeningen bepaald met een klinisch instrument, de CIDI 3.0 ('Composite International Diagnostic Interview' 3.0). Dit instrument is ontwikkeld door de 'WHO-World Mental Health Survey Initiative', een wereldwijd consortium van onderzoekers die de psychische gezondheid van volwassenen in de algemene bevolking bestuderen. De CIDI 3.0 is een volledig gestructureerd interview: het antwoord op een vraag leidt volgens vaste regels tot de volgende vraag. De CIDI 3.0 vraagt naar symptomen van psychische aandoeningen en naar de last die mensen daarvan ondervinden. Uit de antwoorden valt af te leiden of de problematiek van een persoon voldoet aan de criteria van een psychische aandoening volgens de DSM-IV.

Naast de CIDI 3.0 is op elke meting een aanvullende vragenlijst afgenomen om meer inzicht te krijgen in mogelijke voorspellers en gevolgen van psychische aandoeningen. Het overzicht "Meetinstrumenten" geeft een goed beeld van de onderwerpen die per meting zijn uitgevraagd in NEMESIS-2.