Ambulantisering: feiten en cijfers

Nederland telt ongeveer 280.000 mensen met ernstige psychische aandoeningen. Het grootste deel van deze groep woont op zichzelf, met ambulante zorg. Een kleine groep woont in een instelling of beschermende woonvorm.

De meeste mensen met ernstige psychische aandoeningen verblijven in de samenleving. Toch maken ze daar niet echt onderdeel van uit. Een grote meerderheid wil meer gelegenheid krijgen om deel te nemen aan de samenleving.

Ook heeft een grote meerderheid behoefte aan meer ondersteuning daarbij en bij het omgaan met de psychische klachten, sociale contacten en relaties, zinvolle dagbesteding, werk en opleiding.

Intramurale zorg en beschermd wonen

Het Trimbos-instituut voert de Landelijke Monitor Ambulantisering en Hervorming Langdurige GGZ uit. Uit deze monitor blijkt dat het aantal klinische plaatsen tussen 2012 en 2017 jaarlijks afnam. Ook het aantal plaatsen voor beschermd wonen nam af, met wel een minder sterke daling dan de klinische plaatsen.

Capaciteit klinische GGZ en beschermd wonen

Ambulante zorg

De afgelopen jaren heeft de ambulante zorg voor mensen met ernstige psychische aandoeningen zich ontwikkeld, onder andere rond FACT, IHT, de samenwerking met het sociaal domein en de verschuiving van beschermd wonen naar ambulante begeleiding. De toename van de ambulante zorg blijft echter achter bij de afname van de klinische zorg. Voortzetting en intensivering van ambulante zorg zijn nodig.

Meer personen met verward gedrag?

Berichten over een toename van incidenten met personen met verward gedrag zijn lastig te duiden. Onderling kloppen de signalen niet altijd met elkaar. Ze hebben wel een grote impact op de beeldvorming. Serieuze aandacht voor deze signalen vraagt om onderzoek naar achtergronden en oorzaken, met aandacht voor maatschappelijke ontwikkelingen, ontwikkelingen in de zorg en registratie-effecten.