Bericht

Highlights Jaarbericht 2017 Nationale Drug Monitor

23 januari 2018

Het gebruik van stimulerende middelen, zoals ecstasy, cocaïne en amfetamine onder volwassenen is tussen 2014 en 2016 gestegen. Het percentage rokers daalde in deze periode. Zes op de tien volwassenen drinken meer dan één glas alcoholhoudende drank per dag, wat meer is dan de ‘norm’ van de Gezondheidsraad. Tussen 2014 en 2016 nam het aantal geregistreerde sterfgevallen door een drugsoverdosis toe. Het aantal ontmantelde opslagplaatsen van synthetische drugs en afvaldumpingen blijft stijgen.

Dit zijn enkele feiten uit het Jaarbericht 2017 van de Nationale Drug Monitor (NDM), met de laatste cijfers over het gebruik van alcohol, tabak, drugs en slaap- en kalmeringsmiddelen, en ontwikkelingen in wetgeving, beleid en alcohol- en drugsgerelateerde criminaliteit en overlast.

Het Jaarbericht van de NDM is een uitgave van het Trimbos-instituut en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (WODC).

Toename stimulantiagebruik

Tussen 2014 en 2016 steeg het laatste-jaar-gebruik van ecstasy, amfetamine en cocaïne. Voor ecstasy was deze trend al langer waarneembaar (met name tussen 2009 en 2015) en dit middel blijft de meest populaire uitgaansdrugs. In 2016 had 2,9% van de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder in het afgelopen jaar ecstasy gebruikt (390 duizend personen). Voor cocaïne is dat 1,7% (ongeveer 230 duizend personen) en voor amfetamine 1,4% (ongeveer 180 duizend personen). De piek in het gebruik ligt tussen 18 en 24 jaar voor ecstasy en amfetamine; gebruikers van cocaïne zijn veelal wat ouder (tussen 24 en 29 jaar). Het merendeel gebruikt incidenteel. Frequent gebruik (meerdere keren per maand) komt voor onder 5% van de ecstasygebruikers, 10% van de cocaïnegebruikers en 18% van de amfetaminegebruikers.

Langdurige gezondheidsklachten na ecstasy

In het Jaarbericht 2017 zijn nog niet alle gegevens verwerkt van het gelijktijdig verschenen rapport ‘Langdurige klachten na ecstasygebruik’. Gebruikers van uitgaansdrugs, waaronder ecstasy, kunnen langdurig klachten ontwikkelen, zoals een verstoring van het geheugen, concentratievermogen en de stemming. Een onbekend, maar vermoedelijk klein deel van de gebruikers krijgt ook last van lang aanhoudende visuele waarnemingsstoornissen, waaronder ‘zwevende vormpjes’ en ‘spikkeltjes’ in het gezichtsveld (visual snow) en van gevoelens van depersonalisatie en derealisatie (vervreemding van zichzelf en de wereld). Welke factoren precies een rol spelen bij het ontstaan van deze klachten is nog niet ontrafeld.

Wiet meer gebruikt dan hasj

In 2016 gebruikten naar schatting 880 duizend Nederlanders van 18 jaar en ouder cannabis (6,6%). Tussen 2014 en 2016 bleef het gebruik stabiel. Ruim 1% van alle volwassenen blowt (bijna) dagelijks. Dat zijn 150 duizend Nederlanders. Wiet is de meest favoriete cannabisvariant. Van de laatste-jaar-gebruikers rookt bijna twee derde wiet (64,5%). Een kwart (24,9%) gebruikt hasj en een tiende (10,6%) gebruikt beide even vaak. Van de laatste-jaar-gebruikers van cannabis zegt 18% cannabis (uitsluitend of ook) als medicijn te gebruiken, al dan niet op recept.

Toename geregistreerde drugssterfte

Tussen 2014 en 2016 deed zich een opvallende stijging voor in het aantal geregistreerde (overdosis) sterfgevallen door drugs, van 123 naar 235 gevallen. Het is nog onbekend of het gaat om een daadwerkelijke stijging of om verbeteringen in de registratie.

Merendeel van de volwassenen voldoet niet aan de ‘alcoholnorm’

In 2016 nam 60,6% van de Nederlanders van 18 jaar of ouder meer dan één glas alcohol per dag. Dat is meer dan de norm in de Richtlijn Goede Voeding van de Gezondheidsraad, om geen alcohol te drinken of in ieder geval niet meer dan één glas per dag. Mannen voldoen vaker niet aan de norm dan vrouwen (72,0% versus 49,6%). Zwaar drinken (minstens een keer per week 6 of meer glazen alcohol op één dag voor mannen of 4 glazen voor vrouwen) komt het meest voor onder jongvolwassenen van 20-24 jaar (19%).
Onder jongeren tot zestien jaar daalt het gebruik van alcohol al jaren.

Daling roken

Tegenover de toename in stimulantiagebruik staat een daling in het percentage rokers in de algemene bevolking. In 2016 rookte iets minder dan een kwart (24,1%) van de bevolking van 18 jaar en ouder. Dit is een daling ten opzichte van 2015 (26,3%) en 2014 (25,7%).

Gebruik slaap- en kalmeringsmiddelen

In 2016 hadden ongeveer 1 op de 10 mensen in de algemene Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder in het afgelopen jaar slaap- of kalmeringsmiddelen gebruikt. Onder vrouwen was het percentage laatste-jaar-gebruikers bijna twee keer zo hoog als onder mannen (13,4% versus 7,5%). Bijna een derde van alle laatste jaar gebruikers had (ook) zonder recept gebruikt. Het gebruik van benzodiazepinen, de grootste groep slaap- en kalmeringsmiddelen, is afgenomen sinds 2009, toen de vergoeding van deze middelen werd ingeperkt.

Toename ontmantelde opslagplaatsen synthetische drugs

De stijging tussen 2010 en 2015 in het aantal (gemelde) ontmantelde opslagplaatsen voor synthetische drugs en afvaldumpingen zette door in 2016. Het aantal ontmantelde opslagplaatsen steeg van 61 in 2015 naar 84 in 2016. Het aantal afvaldumplocaties steeg van 160 in 2015 naar 177 in 2016. In de provincie Noord‐Brabant worden de meeste opslaglocaties en dumplocaties van synthetische drugs geregistreerd, gevolgd door de provincie Limburg. Er zijn in 2016 ruim 5500 hennepkwekerijen geruimd, dat zijn er minder dan in 2014 en 2015.

Liquidaties gerelateerd aan georganiseerde drugshandel

Liquidaties ‐ ofwel geplande moorden in het criminele milieu ‐ zijn meestal het gevolg van conflicten gerelateerd aan de georganiseerde handel in drugs. Vanaf het jaar 2000 vinden in Nederland gemiddeld twintig tot dertig liquidaties per jaar plaats. Het gemiddeld aantal liquidaties is vanaf het jaar 2000 niet toegenomen.

Zorg voor delinquenten met een verslavingsprobleem

Jaarlijks verwijst justitie rond de 20.000 personen naar de verslavingsreclassering. In de periode juni 2014 t/m maart 2017 gebruikte het grootste deel van de cliënten met drugsproblematiek cannabis (62%), gevolgd door cocaïne (44%) en amfetamines (18%); 44% gebruikte meerdere soorten drugs.

Bronnen

Voor vragen aan het Trimbos-instituut:
Marjan Heuving, tel 030 - 297 11 38

Voor vragen aan het WODC:
P. Platenburg van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het Ministerie van Justitie en Veiligheid, telefoon +31 (0)6 18 30 83 75

Kerncijfers Alcohol, Drugs, Tabak

Bekijk de kerncijfers uit de Nationale Drug Monitor 2017.

Meer info

Contactpersoon

Marjan  Heuving

Marjan Heuving

Neem contact op
+31 (0)30 - 2971(138)

Meer berichten