Er zijn een aantal andere aandoeningen en problemen die bij CD en ODD regelmatig voorkomen.
ADHD
Geschat wordt dat 10% tot 35% van de kinderen met CD of ODD daarnaast ADHD heeft. [66;69;70] Vaak heeft een kind eerst ADHD en ontwikkelt de gedragsstoornis zich later. [68;69] Deze kinderen hebben een grotere kans op een vroeg begin van CD of ODD. [71] Bij kinderen met CD die behandeld worden is de samenhang met ADHD groter. Deze kinderen zijn er slechter aan toe en hebben minder goede vooruitzichten dan kinderen die alleen CD hebben. Ze zijn agressiever, gedragen zich crimineler als adolescent en plegen meer geweldsdelicten als volwassene. Bovendien is de kans op persoonlijkheidsstoornissen groter voor kinderen die zowel ADHD als CD hebben. [67]
Stemmings- en angststoornissen
Kinderen met CD en ODD hebben relatief vaak last van stemmings- en angststoornissen.
- Geschat wordt dat 15 - 30% van de kinderen met CD last heeft van een depressie. Deze groep heeft meer zelfmoordneigingen en is minder agressief en gewelddadig dan de groep met alleen CD
- Geschat wordt dat 20 - 30% van de kinderen met CD en 60% van de kinderen met ODD een angststoornis heeft. Bij kinderen met CD die door een therapeut behandeld worden is dit percentage nog hoger: tussen de 60% en 75%
- Meisjes met CD hebben meer kans dan jongens op een depressie in engere zin, een stoornis in het gebruik van middelen of een angststoornis op volwassen leeftijd en minder kans op een antisociale persoonlijkheidsstoornis
- Kinderen die ODD en een stemmings- en/of angstoornis hebben, lopen een groter risico om later CD te ontwikkelen.
Stoornis in het gebruik van middelen
Agressie in de jeugd is een belangrijke voorspeller van drugsgebruik en criminaliteit op latere leeftijd. Geschat wordt dat 50% van de jongeren met CD een stoornis in het gebruik van middelen heeft.
Adolescenten met ODD
- Beginnen eerder met roken
- Roken gemiddeld meer sigaretten
- Gebruiken meer drugs en alcohol dan leeftijdsgenoten zonder ODD
- Lopen meer risico om als volwassene verslaafd te raken.
Bijkomende psychische stoornissen - zoals een depressie - verhogen de kans op verslavingsproblemen.
Cognitieve problemen
Leerproblemen
Kinderen met CD en ODD hebben relatief vaak last van:
- Leerproblemen
- Moeite met het verwerken van informatie (cognitieve informatieverwerking)
- Aandachtsproblemen en moeite met plannen
- Moeite zich te uiten en anderen te begrijpen.
Het kan zijn dat CD/ODD en leer- en taalproblemen een gemeenschappelijke basis hebben. Taal speelt immers een belangrijke rol bij het onder woorden brengen van gevoelens en behoeften en bij het bedenken van verschillende oplossingen als zich een probleem voordoet. Taal biedt kinderen verder de mogelijkheid om feedback op hun gedrag te verwerken en na te denken over hun gedrag, in de toekomst en het verleden.
Kinderen die het moeilijk vinden om emoties (zoals woede en frustratie) te benoemen (zoals dat het geval is bij CD/ODD), vinden het waarschijnlijk ook moeilijk om na te gaan welke reactie het meest geschikt is.
Sociale cognities
Kinderen met CD en ODD hebben afwijkende sociale cognities. Ze zijn egocentrischer, hebben meer moeite zich in een ander in te leven, zien de wereld als een vijandige plek en voelen zich snel uitgedaagd. Zij denken al gauw dat anderen vijandige bedoelingen hebben. Als zich een probleem voordoet, kunnen ze minder goed alternatieve oplossingen bedenken en kiezen ze vaker voor een agressieve oplossing.
Lichamelijke aandoeningen
CD komt vaker voor bij kinderen met het syndroom van Gilles de la Tourette en kinderen met een verstandelijke handicap. Een specifiek deel van de hersenen (de basale ganglia) is zowel betrokken bij het ontstaan van tics als ook bij het beheersen van impulsen. Er zijn geen lichamelijke ziekten bekend die vaker voorkomen bij jongeren met ODD dan bij anderen.