Hieronder staat een korte opsomming van feiten en trends uit het NDM-jaarbericht 2011. De link onder de opsomming leidt naar het betreffende hoofdstuk in het NDM-jaarbericht 2011 met uitgebreide informatie.
- In 2009 lag het percentage ooit-, recente en actuele cocaïnegebruikers in de algemene bevolking hoger dan in 2005. Dit kan samenhangen met een wijziging in onderzoeksmethode.
- Onder de schoolgaande jongeren van 12-18 jaar in het regulier onderwijs is het ooitgebruik van cocaïne tussen 1996 en 2007 gedaald en in 2011 stabiel gebleven. Het actuele gebruik bleef deze gehele periode op het zelfde niveau.
- Cocaïne is na ecstasy de meest populaire harddrug onder uitgaande jongeren en jongvolwassenen.
- De prevalentie van recent cocaïnegebruik in de algemene bevolking ligt in Nederland rond het Europese gemiddelde.
- Na een stabilisering van het aantal cocaïnecliënten bij de verslavingszorg tussen 2004 en 2009 is in 2010 een lichte daling waarneembaar. Voor ruim de helft van de cliënten is roken (van ‘crack’) de gebruikswijze. Het aandeel jonge cocaïnecliënten van 15-29 jaar is gedaald van 40 procent in 2002 naar 27 procent in 2010.
- In 2010 is het aantal klinische opnames in algemene ziekenhuizen vanwege cocaïnemisbruik en -afhankelijkheid als nevendiagnose verder gestegen; het aantal opnames met cocaïneproblematiek als hoofddiagnose blijft beperkt.
- Het aantal geregistreerde acute sterfgevallen wegens cocaïnegebruik blijft relatief laag en is in 2010 iets gedaald.
- De meeste cocaïnepoeders van consumenten bevatten de laatste jaren (ook) geneesmiddelen, vooral levamisol.
- Over de jaren is het gemiddelde gehalte cocaïne in cocaïnepoeders licht gedaald. De prijs is tussen 2010 en 2011 gestegen.
Kijk in het NDM Jaarbericht 2011 (PDF) voor meer feiten en cijfers over cocaïne.